De voorschriften van antibiotica door huisartsen in België dalen een jaar na de invoering van indicatoren voor goede praktijk. Dat blijkt uit een analyse die het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) woensdag voorstelde. Zowel het aantal patiënten dat een antibioticum krijgt als het totale afgeleverde volume daalt. In een persbericht spreekt het RIZIV van “een eerste bemoedigende balans” en kondigt het aan dat elke huisarts binnenkort een vergelijkend rapport ontvangt over zijn of haar voorschrijfgedrag.
De strijd tegen antimicrobiële resistentie is een belangrijke uitdaging voor de volksgezondheid. Het RIZIV herinnert er in zijn persbericht aan dat dit onder meer betekent “minder en anders antibiotica voorschrijven”. Om huisartsen te ondersteunen bij een gepaste antibioticavoorschrijving werden in 2023 drie indicatoren voor goede praktijk gepubliceerd binnen de Nationale Raad voor Kwaliteitspromotie (NRKP).
Minder voorschriften
De eerste indicator is kwantitatief en moet onnodige voorschriften terugdringen, met name wanneer antibiotica worden voorgeschreven voor aandoeningen waarvoor ze niet aangewezen zijn. De doelstelling was een vermindering met 40% van het aantal voorschriften door huisartsen.
Volgens de door het RIZIV geanalyseerde gegevens daalde het aantal patiënten dat een antibioticavoorschrift kreeg met 14% tussen de periodes 2023-2024 en 2024-2025. Ook het totale volume afgeleverde antibiotica volgt die neerwaartse trend.
Het aandeel artsen dat onder de drempels van deze indicator blijft, stijgt eveneens. In 2024 blijft 46% van de huisartsen onder de drempel voor voorschriften bij kinderen en 43% voor voorschriften bij volwassenen. In 2023 ging het respectievelijk om 39% en 38%.
Nog beperkte impact op keuze van moleculen
De twee andere indicatoren focussen op de kwaliteit van de voorschriften en mikken op een vermindering van het gebruik van tweedelijnsantibiotica. Die middelen zijn voor specifieke situaties voorbehouden, bijvoorbeeld bij een penicilline-allergie.
De impact blijft voorlopig beperkt. In 2024 bereikt slechts 16% van de voorschrijvende artsen het minimale aandeel “zuivere” amoxicilline in hun voorschriften, terwijl slechts 11% onder de maximale drempel voor tweedelijnsantibiotica blijft.
Het RIZIV benadrukt dat “de resultaten in de goede richting evolueren” en dat de invoering van indicatoren en sensibiliseringsacties “een positieve dynamiek heeft bevorderd die moet worden behouden en verder versterkt”.
De experten van het instituut blijven voorzichtig. Verschillende factoren kunnen de waargenomen evolutie beïnvloeden, waardoor het moeilijk is om precies te bepalen welk aandeel aan de indicatoren kan worden toegeschreven. Ze vormen wel een instrument om voorschrijfpraktijken te volgen, “zowel op globaal als op individueel niveau”.
Individuele feedback via ProGezondheid
Een van de doelstellingen van deze indicatoren is ook individuele feedback aan voorschrijvers mogelijk maken. Elke huisarts zal een vergelijkend rapport ontvangen over zijn of haar voorschrijfgedrag. Die feedback zal binnen de maand beschikbaar zijn via het persoonlijke account van artsen op het beveiligde portaal ProGezondheid. Volgens het RIZIV laten deze rapporten artsen toe “zich te situeren ten opzichte van de indicatoren en hun collega’s” en zo “persoonlijke en/of collectieve reflectie” te stimuleren. Daarna worden de rapporten jaarlijks automatisch gegenereerd op basis van de meest recente gegevens.
Breder beleid tegen antimicrobiële resistentie
De invoering van wetenschappelijk onderbouwde indicatoren is één van de hefbomen om het overmatig gebruik van antibiotica terug te dringen. Volgens het RIZIV maken deze kaders voor goede praktijk deel uit van “een ruimer geheel van maatregelen om een gepast gebruik van antibiotica te bevorderen”.
Daartoe behoren onder meer de beslissingsondersteunende tool PSS Antimicrobiële middelen, de verdubbeling van accrediteringspunten voor huisartsen die deelnemen aan LOK-vergaderingen over de kwaliteit van antibioticavoorschriften en de Antibioticabarometer, die geïntegreerd is in het elektronisch medisch dossier en in de praktijkpremie.
Andere initiatieven maken deel uit van het nationaal actieplan tegen antimicrobiële resistentie, waaronder de geplande aflevering van antibiotica per stuk in de komende maanden.
Volgens het RIZIV passen deze initiatieven binnen de strategie van “appropriate care”, die mikt op “de juiste zorg, op de juiste plaats volgens de medische situatie van de patiënt en tegen een correcte prijs”. De terugbetalingen voor antibiotica in openbare apotheken bedroegen in 2024 bijna 67 miljoen euro.
Tot slot benadrukt het instituut dat een indicator “op geen enkele manier de uitvoering van een noodzakelijke verstrekking beperkt”. Elke patiënt die een gerechtvaardigde behandeling nodig heeft, kan die steeds krijgen.
> Lees het volledige rapport








