Dr. Jan Coveliers: "Ons gezag als arts is niet langer vanzelfsprekend. We moeten het opeisen."

De positie van de arts-specialist staat onder druk. Volgens hartchirurg Jan Coveliers (UZA) vervaagt het gezag van de arts in een zorgmodel dat streeft naar gelijkheid zonder hiërarchie, gestuurd door managementlogica en vaak ten koste van eindverantwoordelijkheid. In dit interview met Medi-Sfeer en De Specialist legt hij uit hoe artsen hun medisch gezag kunnen herstellen.

U stelt dat de arts-specialist dreigt te verdwijnen in het huidige ziekenhuisbeleid. Wat bedoelt u daarmee?

Jan Coveliers: “De structuur van het ziekenhuis is fundamenteel veranderd. Wat ooit een piramide was, is nu een vlak speelveld waarin hiërarchie en autoriteit nauwelijks nog een plek krijgen. Iedereen heeft zogezegd een stem, ook in beleidsraden of interdisciplinaire teams. Maar niet elke stem draagt dezelfde verantwoordelijkheid.

Die illusie van gelijkwaardigheid klinkt nobel, maar leidt tot rolverwarring. En dat is gevaarlijk, zeker in de acute zorg, waar snelheid en helderheid cruciaal zijn. Wie denkt dat medische autoriteit vanzelf blijft bestaan, vergist zich. De arts-specialist wordt steeds vaker herleid tot gesprekspartner in plaats van eindverantwoordelijke. En dat heeft niet alleen impact op artsen, maar ook op de kwaliteit en veiligheid van zorg.”

Wat is volgens u het gevaar van die afvlakking?

“Wanneer complexe beslissingen worden benaderd als groepsgesprekken zonder duidelijke leiding, verliezen we tijd en richting. Ervaring, klinische blootstelling en expertise maken het verschil. Als die niet langer leidend zijn, komt de veiligheid in het gedrang. Zeker op intensieve zorgen of in het operatiekwartier is dat onhoudbaar.”

Tegelijkertijd zien we een sterke opmars van de managementlogica in de zorg. Wat doet dat met uw beroep?

“Het zogenaamde managerialisme behandelt zorg als een proces dat via dashboards en KPI’s te sturen valt. Maar een patiënt is geen Excel-bestand. Die aanpak verschuift beslissingsmacht naar mensen zonder klinische ervaring. Als arts-specialist word je dan afgerekend op cijfers die weinig zeggen over individuele complexiteit. Dat ondermijnt onze autonomie én roeping. Want verantwoordelijkheid zonder beslissingsruimte leidt tot frustratie, en op termijn tot vervreemding van het beroep.”

En de patiënt zelf? Die heeft vandaag meer informatie dan ooit.

“Dat klopt. Kennis is breed beschikbaar via Google, AI en fora. Maar kennis is niet hetzelfde als inzicht, en zeker niet als verantwoordelijkheid. Als arts moet je vandaag niet alleen klinisch onderlegd zijn, maar ook communiceren, uitleggen, overleggen. Dat is positief, maar het mag geen verwarring scheppen over wie de eindverantwoordelijkheid draagt. De arts als gids, als moreel kompas, verdwijnt steeds vaker uit beeld. Ook binnen ziekenhuizen schuiven anderen mee aan tafel met overtuigingen die soms haaks staan op de medische realiteit.”

Ligt de oorzaak ook deels bij de artsen zelf?

“Zeker. Onze opleiding is gestoeld op competitie en prestatie. We zijn getraind om uit te blinken, niet om te verbinden. Voeg daarbij de veelheid aan verwachtingen, je moet clinicus, wetenschapper, communicator én leider zijn, en je krijgt rolstress en vermoeidheid. In die toestand geven we onze plek aan tafel soms gewoon op. Niet uit onwil, maar uit uitputting of conflictvermijding. En ook omdat we nooit echt geleerd hebben hoe gezag en empathie samengaan.”

U pleit voor een combinatie van gezag en verbinding. Hoe moet ik mij dat voorstellen?

“Goede zorg vereist leiderschap dat standvastigheid en nabijheid combineert. Gezag en empathie zijn geen tegenpolen. Een arts moet durven zeggen waar het op staat, maar tegelijk luisteren en verbinden. Leiderschap betekent verantwoordelijkheid nemen, richting geven en ook beschikbaar zijn. Geen autoritair gedrag, maar ook geen stuurloos overleg.”

Wat staat er volgens u op het spel als artsen deze herbronning niet maken?

“We staan op een kantelpunt. De toekomst van ons beroep ligt op tafel. Wanneer de arts-specialist verdwijnt uit het beleid, het ziekenhuismodel of de publieke perceptie? Wie neemt dan onze rol over? En welke prijs betalen patiënten voor die verschuiving? We moeten de verleiding weerstaan om cynisch of nostalgisch te worden. De tijd van de alwetende arts komt niet terug. Maar de toekomst ligt evenmin bij het vlakke consensusmodel waarin niemand nog richting geeft.”

Wat is er dan wél nodig?

“Wat nodig is, is een herdefinitie van onze rol. Geen terugkeer naar top-down geneeskunde, maar een herbronning van onze unieke verantwoordelijkheid. Dat begint bij het opeisen en belichamen van rolhelderheid. Arts-specialisten zijn geen schakel in de keten; zij dragen medische eindverantwoordelijkheid. Dat betekent: leiderschap tonen, beslissingen durven nemen, en ook de ruimte krijgen én nemen om dat goed te doen.

Daarnaast moeten we allianties bouwen op basis van respect. Niet iedereen hoeft arts te zijn, maar wie dat niet is, moet wel de grenzen van zijn of haar rol erkennen. Tegelijk moeten artsen leren om anderen mee te nemen zonder te minimaliseren of te domineren. Respect is geen eenrichtingsverkeer.

Ten slotte moeten we onze systemen herdenken. Ziekenhuizen moeten opnieuw gebouwd worden op medisch leiderschap, niet louter op kostenbeheersing. Medische governance, intervisie, supervisie en reflectie moeten structureel ingebed worden in de zorg.”

Is dat realistisch in het huidige beleid?

“Het is noodzakelijk. Wie vandaag durft opstaan met helderheid, verbondenheid en vastberadenheid, kan de koers opnieuw uitzetten. Niet alleen voor zichzelf, maar voor het hele zorgsysteem.”

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Marc DE MEULEMEESTER

    31 juli 2025

    Enkel de Ballastingen en de flikken “ EISEN “ nog ( beschermingsgeld !)!

  • Koen VAN BELLE

    31 juli 2025

    Mooi verwoord.
    Nobele intenties!

  • marc brosens

    31 juli 2025

    Begin jaren 2000 werd een middenkader gecreëerd en dat is sindsdien enkel gegroeid. Alles wordt gemeten, genoteerd in grafieken gegoten en getoetst aan protocols waar er niet van afgeweken wordt. Protocols hebben zeker hun verdienste ( al was het rechtsgeldig), maar ze beperken ook de therapeutische vrijheid en daar botst het soms op cruciale momenten met de omkadering. Deze laatste vergeet soms dat ‘arts’ een vak is dat bepaalde competenties vereist en dat wij opgeleid zijn om problemen op te lossen en niet slechts uit te voeren.
    Alles draait om verantwoordelijkheid en misschien moeten we zoals jij in jouw model voorstelt deze verantwoordelijkheid meer opeisen. Ik vraag me enkel af of veel collega’s daartoe bereid zijn.

  • Lieven De Baere

    31 juli 2025

    D