Exuberante besparingen en stijgende administratieve last genereren onrust (medicomut)

De medische sector staat voor aanzienlijke uitdagingen na recente beslissingen van de regering, met name een opgelegde besparing van 150 miljoen euro voor artsen. Deze maatregel beschouwen de artsen als disproportioneel en ongefundeerd. Zelf zijn ze immers maar verantwoordelijk voor een minimale budgetoverschrijding. Onrustwekkend is verder dat nieuwe reglementeringen de administratieve last verder doen toenemen.

Het raakte al bekend dat de regering via een opdrachtbrief van de minister de artsensector een besparing van 150 miljoen euro oplegt. Een beslissing die op groot onbegrip stuit omdat de werkelijke budgetoverschrijding door artsen aanzienlijk lager ligt. Jos Vanhoof (Bvas): “Na correctie ligt het bedrag van die overschrijding tussen de 14 en 18 miljoen euro, wat dus helemaal niet in verhouding staat tot de opgelegde besparing. Het cijfer van 150 miljoen is dus niet gebaseerd op de feitelijke cijfers en mist een duidelijke onderbouwing. Cijfers van het Riziv tonen bijvoorbeeld aan dat de groei in het aantal huisartsenconsultaties beperkt is gebleven tot slechts 2%, wat ruim binnen de groeinorm valt.”

Ook Lieselot Brepoels (ASGB) klasseert het bedrag van 150 miljoen besparingen voor de artsenhonoraria als ‘weinig onderbouwd met harde data’. Het is dus moeilijk traceerbaar van waar het komt. Ongetwijfeld zal daarover nog een hartig woordje gepraat worden.

Jos Van Hoof merkt daarbij op dat de introductie van teleconsultaties, vergoed tegen 10 euro, significant de kosten beperkte door het aantal duurdere huisbezoeken en fysieke consultaties te verminderen. “Dat wordt nu aangevoerd als een belangrijk argument om teleconsultaties opnieuw in te voeren.” Het feit dat de besparing niet in verhouding staat tot de werkelijke, beperkte overschrijding, wordt door de sector als "exuberant en disproportioneel" ervaren.

Afschaffing automatische indexering

Een andere belangrijke verandering is de afschaffing van automatische indexeringsclausules in chronische besluiten en overeenkomsten, stipt dr. Vanhoof aan. “Voortaan zal de medicomut of de Nationale Commissie Artsen-Ziekenfondsen beslissen of en in welke mate de indexering wordt toegepast. Dat slaat op diverse honoraria en vergoedingen, zoals die voor klinische biologie, het beschikbaarheidshonorarium voor huisartsen en specialisten, de basisvergoeding voor stagemeesters, en permanentiehonoraria voor pediaters en gynaecologen. Plus het medisch advies euthanasie. De medicomut krijgt hiermee de macht om te bepalen of de indexering volledig, beperkt of niet wordt toegekend.” Een punt om aandachtig te volgen in de aanloop naar de onderhandelingen voor een nieuw akkoord artsen-ziekenfondsen.

Wat de begroting betreft: “De definitieve technische ramingen lijken me niet zo hard af te wijken van de oorspronkelijke. We kunnen dus inderdaad naar een boeiend overleg over een nieuw akkoord”, meent Lieselot Brepoels.

Verhoogde tegemoetkoming

Artsen worden geconfronteerd met een fenomenale administratieve rompslomp die maar blijft toenemen. Een recent voorbeeld is de nieuwe regeling voor griepvaccinaties voor het seizoen 2025-2026. Bepaalde nieuwe, specifieke vaccins vereisen niet alleen een voorschrift, maar ook een aanvraag via hoofdstuk IV, wat een extra administratieve stap betekent en ingaat tegen de belofte van vereenvoudiging.

Het ASGB fulmineerde hier onlangs nog tegen en dat ligt ook zwaar op de maag van Jos Vanhoof. Die uit nog zijn bezorgdheid over de sterke stijging van het aantal personen met recht op een verhoogde tegemoetkoming (VT). “Het aantal VT's zou met 30% stijgen, terwijl de bevolking slechts met 1,7% groeit. We vrezen  dat de ‘echte’ VT-patiënten, zoals andersvaliden en weduwen, hierdoor in de problemen komen. Deze kwetsbare, vaak minder mondige groepen dreigen hun zorgvraag en recht op tegemoetkoming verwaterd te zien door de grote instroom van nieuwe rechthebbenden. We roepen dan ook op om paal en perk te stellen aan deze evolutie en te zorgen voor een rechtvaardige tegemoetkoming voor de meest kwetsbaren.”

Om de werking binnen de medicomut te verbeteren, werd tot slot een nieuw huishoudelijk reglement goedgekeurd. Vergaderingen worden beperkt tot maximaal drie uur, agenda's moeten zeven dagen op voorhand worden bezorgd zodat de syndicaten zich beter kunnen voorbereiden, en er zijn striktere regels voor verslaglegging en stemprocedures.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.