Vanaf 2026 kunnen huisartsen geen CT-scan van de lage rug meer aanvragen met terugbetaling. Alleen specialisten en spoedartsen behouden dit recht. De maatregel, voorgesteld door minister Frank Vandenbroucke en opgenomen in de gezondheidszorgbegroting 2026, roept felle reacties op in de medische wereld.
Volgens de federale overheid is het doel duidelijk: doelmatiger zorg en een efficiënter gebruik van medische beeldvorming. In de begroting wordt gerekend op een jaarlijkse besparing van 38,3 miljoen euro. De maatregel moet het overgebruik van CT-scans bij aspecifieke lage rugpijn tegengaan, én de blootstelling aan onnodige straling beperken.
Enkel arts-specialisten in onder andere orthopedie, neurologie, fysische geneeskunde en spoedgeneeskunde kunnen deze onderzoeken nog laten terugbetalen. "CT-scans van de lage rug worden vaak onterecht voorgeschreven bij aspecifieke rugklachten," stelt het kabinet-Vandenbroucke. "De diagnostische meerwaarde is beperkt, en de stralingsdosis is niet te onderschatten."
Maar op het terrein klinken andere geluiden. Radioloog dr. Cedric Bohyn spreekt op LinkedIn van een “medisch en maatschappelijk onverantwoorde beslissing”. Volgens hem getuigt de maatregel van een te simplistische visie op de praktijk.
“Vanaf 2026 mogen huisartsen geen CT-scan voor lage rugpijn meer aanvragen. Alleen specialisten of spoedartsen mogen dat dan nog. Wat betekent dat in de praktijk? MRI’s worden de enige optie, met wachttijden die nu al oplopen tot meer dan een maand. Die gaan alleen maar toenemen.”
“Ofwel sturen huisartsen patiënten naar de spoed, wat maatschappelijk veel duurder is en de diensten nóg meer overbelast. Of ze moeten via een specialist, waar opnieuw wachttijden zijn.” De conclusie volgens Bohyn? “Meer vertraging, meer kost, minder zorg.”
Bovendien is hij het niet eens met het stralingsargument waarop de maatregel rust. “De stralingsdosis van een lumbale CT-scan is vandaag tot 80% lager dan twintig jaar geleden. Dankzij technologische vooruitgang zijn deze onderzoeken veel veiliger geworden.”
Therapeutische vrijheid huisarts ingeperkt
Ook in de Kamer kwam er verzet. Daniel Bacquelaine (MR) vroeg zich af waarom de overheid niet inzet op betere voorschrijfcriteria in plaats van een verbod: “Het klopt dat de CT soms te snel wordt voorgeschreven, maar moeten we daarom de therapeutische vrijheid van de huisarts inperken?” Volgens Bacquelaine zou het beter zijn om de voorschrijfcontext aan te scherpen, eerder dan huisartsen volledig buitenspel te zetten.
Minister Vandenbroucke verweerde zich in de Kamer door te verwijzen naar de radiologische beroepsvereniging, die zelf voorstelde om de toegang tot lumbale CT-onderzoeken te beperken tot specialismen zoals neurochirurgie, orthopedie, fysische geneeskunde en spoedgeneeskunde.
“Ik begrijp de frustratie van huisartsen. Maar ook andere artsen-specialisten zullen deze scans niet meer kunnen aanvragen. Het gaat om specifieke situaties, zoals pre-operatief gebruik, waar die specialisten het best geplaatst zijn.” Volgens de minister gaat het dus niet om een wantrouwen tegenover huisartsen, maar om een afbakening op basis van medische relevantie.
De beperking van CT-aanvragen is niet de enige besparingsmaatregel die in 2026 wordt doorgevoerd. Ook onder andere PET-scans, echocardiografie, operatieve hulp en slaaponderzoek worden onder de loep genomen. De rode draad is volgens Vandenbroucke doelmatigheid, beperking van overconsumptie, en herverdeling van middelen.
Maar zoals zo vaak rijst de vraag of ‘doelmatigheid’ in beleidscontext gelijkstaat aan doeltreffendheid in de zorgpraktijk. Dr. Bohyn besluit: “MRI blijft de eerste keuze, ja. Maar CT heeft zijn plaats, net omdat het sneller beschikbaar is en huisartsen toelaat om snel te handelen bij ernstige rugklachten. Deze beslissing zonder overleg met het veld creëert vooral meer frustratie en kosten.”
Logische ingreep, maar onredelijke besparing
Ook bij de artsensyndicaten leeft de frustratie, maar volgens dr. Lieselot Brepoels van ASGB-Kartel moeten we de bredere context niet uit het oog verliezen: “Het betreft een voorstel vanuit vele partijen, waaronder de vereniging van radiologen, en gesteund door meerdere fracties en twee syndicaten. Gezien de hoge aantallen van dit onderzoek, die internationaal niet te verklaren zijn, en ook niet volgens de richtlijnen, was het logisch dat net hier werd ingegrepen.”
Wel uit Brepoels stevige kritiek op de grootte van de opgelegde besparing: “Vandenbroucke mag je verwijten dat de besparing op radiologie onredelijk hoog is. Dat klopt, zeker gezien de opeenvolgende besparingen binnen de medische technologie. Maar binnen het kader dat ons werd opgelegd, was het kiezen tussen de aantallen verder laten ontsporen en er onderbetaald voor worden, versus ingrijpen op de aantallen.”









Laatste reacties
Marc DE MEULEMEESTER
29 oktober 2025Voor “ het “ FOD zijn wij 1 vod , en voor de zieke bonden “papieren tijgers “!
Als je kan , aub : speel niet meer mee in die Cirque des Rois Soleils !
Eddy HUYSMAN
27 oktober 2025wekelijks formulieren invullen van "Opgroeien" mag wel. Ganse serie bladzijden waarvan de huisarts NIET op de hoogte is. En honderden FOD formulieren, per patient soms 3 tot 4x mag wel.
Maar ik zal doen wat de Minister zegt. Bij de minste twijfel iedereen doorsturen en zelf niets meer voorschrijven. Dan zal ik een ideaal profiel krijgen.
Idem met pantomed-omeprazole: vele patienten komen terug van de kliniek met die producten op het schema met de bedoeling van ze verder te geven opdat ze geen bijwerkingen zouden hebben op de andere medicaties. Na bariatrische heelkunde: levenslang die producten. De huisarts zal ze wel voorschrijven. Maar wie krijgt dan de slechte cijfers van die producten???? Uiteraard het manusje van alles, de huisarts.
Henk SOENS
27 oktober 2025Ikzelf ben pas gepensioneerd,
maar ik heb in mijn loopbaan nog NOOIT een CT scan van de LWZ laten uitvoeren
zonder grondige medische reden.
Ik heb lang op spoedopname als urgentiearts gewerkt,
leerde daar hoe men een maagsonde moest plaatsen met behulp van een deskundige verpleegster,
een blaas te sonderen, een ascitespunctie uit te voeren, kleine heelkundige ingrepen te verrichten, baxters en infusen te plaatsen, enz..
al deze handelingen worden momenteel slechts nog door 'oudere artsen' verricht, zonder of slechts minieme terugbetaling door het RIZIV.
't Ja... illo tempores, illo mores zeker...
'It's the economy STUPID'....'
of (AI -generated): AI-overzicht
De uitspraak "'It's the economy, stupid'" verwijst naar de politieke slogan uit 1992, bedacht door James Carville voor de campagne van Bill Clinton. Deze slogan benadrukte dat de economische toestand, en hoe die de persoonlijke financiën van kiezers beïnvloedde, de belangrijkste factor was voor de verkiezingen. De bijbehorende Latijnse uitdrukking "illo tempore, illo mores" betekent "de tijden zijn zo, de zeden zijn zo", wat aangeeft dat de huidige omstandigheden (economisch en sociaal) bepalend zijn voor het gedrag van mensen.
Slogan: De kreet "It's the economy, stupid" was een politieke slogan, oorspronkelijk bedacht door James Carville, die een centrale rol speelde in de presidentscampagne van Bill Clinton in 1992.
Betekenis: De slogan benadrukte dat de economie het belangrijkste punt was voor kiezers en dat het hun stemgedrag zou bepalen.
Historische context: De uitdrukking "illo tempore, illo mores" (de tijden zijn zo, de zeden zijn zo) wordt gebruikt om aan te geven dat de huidige omstandigheden, met name de economische, bepalend zijn voor het gedrag van mensen.
Dr. Henk Soens
1-3363828-004
Bieststraat 91 8790 Waregem