Een consensus bereiken is vele malen productiever dan het zoeken naar controversen, schrijft Dr. Donald Claeys, secretaris-generaal van de Federatie Medische Specialisten (FMS) die zijn standpunt uitlegt in twee opiniestukken. Hierbij deel 1.
Artsen-specialisten proberen sinds een viertal jaar de evolutie te volgen in “het groot Belgisch debat”:
De hervorming
De hervorming van de nomenclatuur? De hervorming van de ziekenhuis financiering? De hervorming van het ziekenhuis landschap? Of alles tegelijk?
Wat wil de minister? Wat willen de ziekenhuisverantwoordelijken? Wat willen wij artsen specialisten, werkzaam binnen en buiten de ziekenhuizen?
Ik dacht dat wij allen willen wat onze patiënten vragen: de beste en meest efficiënte zorg binnen een model van algemene solidariteit verankeren. Naast efficiëntie-winst moet er bovendien aandacht zijn voor innovatie.
We zijn jaren geleden vertrokken met een zeer ambitieus project dat de ruggengraat van de gezondheidszorg voor de 21e eeuw in België moet vastleggen. Er is geen twijfel dat om effectief te zijn alles tegelijk gerealiseerd moet worden.
De wervels, de tussenschijven en de lange rugspieren vormen een functioneel geheel: dit laat ons toe om comfortabel rechtop te lopen.
Transparantie begint bij een heldere afbakening
Een echte hervorming van de nomenclatuur kan maar slagen als het professionele aandeel van een medische prestatie eindelijk expliciet en afzonderlijk wordt afgebakend. Alleen zo kan de mist optrekken rond de vaak torenhoge kosten die aan bepaalde prestaties gekoppeld zijn - kosten die weinig te maken hebben met de professionele inzet van de arts.
Diezelfde mist hangt boven de ziekenhuisfinanciering. Zonder transparantie en zonder inhoudelijk inzicht in deze collectief gegenereerde complexiteit, zal geen enkele hervormer het vertrouwen krijgen om richting te geven. De kosten aan mensen en materiaal zijn nochtans wel duidelijk zichtbaar voor de zorgverstrekkers en hun instellingen. Hoe moeilijk kan het zijn om ze op te tellen? Een van de denkfouten is dat men dezelfde methode gebruikt om ze in te schatten met berekeningen die zijn ontwikkeld om ze on-transparant en ingewikkeld te maken.
Transparantie is geen ideologische keuze, maar een randvoorwaarde voor strategie.
Er blijken mensen te twijfelen
Een medische prestatie begint met de inzet, de verantwoordelijkheid en aanspreekbaarheid van de arts in een 1 op 1-relatie met de patiënt. Dit contract staat voor het professioneel gedeelte, de juiste inschatting van de vergoeding hiervoor is niet onderhandelbaar. De kosten die er bij horen zijn middelen, hierop kan wel gebudgetteerd of bespaard worden. Op het eerste luik niet.
Persoonlijk volg ik de enkelingen niet die zich plots verzetten tegen een project dat na jaren zorgvuldig overleg dreigt te eindigen met een verloren bezigheidstherapie voor iedereen die er zijn schouders achter heeft gezet. Er zijn twee grote redenen om het oude model dringend te verlaten.
-
De kost van nieuwe hulpmiddelen en toestellen is geëxplodeerd.
-
De verloning van de zorgverstrekkers die meewerken aan de medische prestaties stijgt elk jaar en wordt oncontroleerbaar en vooral onvoorspelbaar.
Er is maar een reden om het oude model te behouden, namelijk het status quo in ongelijkheid tussen de artsen bewaren.
Er is wel een zeer belangrijk voorbehoud bij deze stellingname: het is evident dat eerst het budget bevroren moet worden voor wat een correcte vergoeding van het arts-patiënt contract inhoudt: het professioneel gedeelte. Dat geldt zowel voor de zuiver intellectuele of meer technische tussenkomsten.
Sommigen waarschuwen voor een arts met bediendestatuut. De permanente beschikbaarheid, de zorg, de verantwoordelijkheid, de nood aan innovatie en voortdurende ontwikkeling van nieuwe kennis en kunde past bij een zelfstandig ondernemer. De waardering die vasthangt aan dit deel kan men niet inschatten als een uurloon, een ereloon is meer op zijn plaats.
Nomenclatuurhervorming als hefboom voor verandering
Een consequente opsplitsing tussen professioneel honorarium en kostencomponent is cruciaal:
-
om onverklaarbare inkomensverschillen tussen specialismen te reduceren;
-
om kosten expliciet en controleerbaar in de boekhouding van de gezondheidszorg te plaatsen;
-
en om de beschikbare middelen en de grenzen van het systeem actief te monitoren.
Het is belangrijk om eraan te herinneren hoe die grote verschillen tussen artsen ontstaan zijn: niet door de ministers van volksgezondheid of door het RIZIV, maar door historische keuzes, decennia geleden gemaakt door vertegenwoordigers van de artsen zelf, later versterkt door ziekenhuisbesturen om de onderfinanciering onder controle te houden via afhoudingen. Net daarom is het bemoedigend dat bij recente dossiers (zoals werkgroep ACA) transparantie, open debat en consensus opnieuw mogelijk bleken. We wachten af.
De beroepsverenigingen die met open mind en toekomstgericht hebben deelgenomen aan brede debatten, begrijpen op vandaag soms niet hoe enkele deelnemers bij het einde van het debat plots standpunten innemen diametraal tegen de verwachtingen van de stille meerderheid.
We nodigen iedereen om uit het verleden los te laten en te kijken naar een “as to be”
Onrust is terecht - wel niet symmetrisch
Er is onrust bij de minister dat hij zijn toegekend budget (waarvoor hij gevochten heeft) niet onder controle kan houden. Onrust ook bij de mutualiteiten dat men de sociale solidariteit voor iedereen die zorg nodig heeft, niet zou kunnen blijven verankeren.
Er is onrust bij de ziekenhuizen; zij vrezen voor hun financiële toekomst: sommige zien zorgvuldig opgebouwde reserves onder druk komen, andere riskeren structureel te ontsporen door fouten uit het verleden.
Maar er is vooral zeer veel onrust bij de artsen. Elke politicus weet dat onrust zaaien of onderhouden de sleutel is naar een volgend mandaat. Onrust zaaien bij de artsen is een beproefde methode, ook uit eigen rangen, maar inhoudelijk altijd destructief. Artsen-specialisten beschikken nochtans over reële dossierkennis: zij zien dagelijks hoe innovatie, kwaliteitsverbetering en veiligheid enorme middelen vergen - middelen die steeds minder verband houden met hun eigen honorering.
Onrust kan ook helpen
De enige manier om de onrust bij iedereen te temperen is ze te erkennen en samen naar een oplossing te zoeken.
Als de minister wil luisteren, kan hij of zijn medewerkers de katalysator zijn in een overleg dat leidt tot consensus tussen de stakeholders en tegelijk de waakhond die het budget gezondheidszorg beschermt.
De concrete voorstellen moeten echter komen van de aandeelhouders. In het belang van de grootste groep, de patiënten, dienen concrete voorstellen te komen van alle zorgverstrekkers zij zijn immers de gemandateerden van de eerste groep.
Het zou niet slecht zijn indien de parallellen tussen de ziekenhuizen en de ziekenhuisartsen kunnen worden omgezet in gezamenlijke standpunten en vooral doordachte oplossingen. Aan standpunten is er immers geen tekort, lees de kranten!
De hervorming van de nomenclatuur artsen specialisten kan door het concept van duidelijke splitsing van budgetten niet worden gerealiseerd zonder simultane aanpassingen van de ziekenhuisfinanciering, aanpassing van de ziekenhuiswet en zelfs herschikken van het ziekenhuislandschap. Er zijn dus nog wat constructieve voorstellen nodig. En men onthoudt: het is alles tegelijk of niets!
Onrust genereren vraagt minder energie dan oplossingen voorstellen. Het volstaat nu en dan naar elkaar te luisteren. Dat luisteren geldt dan wel voor alle tenoren!









Laatste reacties
Rudy VAN DRIESSCHE
12 mei 2026“…enkelingen die zich plots verzetten tegen een project…”
“…hoe enkele deelnemers bij het einde van het debat plots standpunten innemen diametraal tegen de verwachtingen van de stille meerderheid….”
Ik denk dat Donald na vele jaren afscheid v/d praktijk, nog onvoldoende feeling heeft mbt tot de standpunten v/d meerderheid van praktiserende artsen.
De terugval van zijn aantal stemmen bij de verkiezingen voor het bestuur van de FMS is daar wellicht een symptoom van.
Christophe Breusegem
07 mei 2026De FMS en Dr Claeys moeten meer kritische ingesteldheid tonen én opkomen voor de autonomie van de arts!
Anders hoeft een ‘hervorming ‘ niet…
Hervormen mag als het een verbétering inhoudt voor de artsen
Ik zie dat nu niet…
Gaat die opsplitsing bétere zorg opleveren??
Neen
Moeten al die hervormingen tegelijk zoals u stelt? ….
Als die “hervorming “ betekent dat de arts geen tariefvrijheid meer heeft, dus verlies van vrij beroep:
dan hoeft voor mij en anderen die hervorming niet ! (met alle respect, maar dan mag deze ‘ hervorming ‘ in de vuilbak)
Enkele punten:
-In uw betoog hierboven staat:
“Het professioneel deel , de juiste vergoeding daarvan daar valt niet over te onderhandelen“
Zie alinea onder ‘mensen twijfelen meer’
Het is essentieel dat prijzen kunnen verschillen tussen artsen, oók voor het professionele deel
Mensen verschillen eenmaal, artsen ook
Bij de ene arts kan het duurder zijn omdat er een verschil is in juiste diagnostiek, betere expertise, betere service,…
Dus ja verschillen moeten blijven kunnen
Ook voor consultaties en adviezen
-uw voorstel tot nomenclatuur ‘hervorming’ met opsplitsing van honoraria:
Dat richt zich vooral op ziekenhuis artsen
Wat met de talrijke ambulante zorgverstrekkers??
Gaan zij ook een correcte ‘onkostenvergoeding ‘ krijgen??
Evenveel als de ziekenhuizen?
-Transparantie in ziekenhuis financiering: volledig akkoord mee!
Ook door ziekenhuisdirecteurs en de overheid aub
-Hospitalo-centrisme komt naar voor
Ten spijt…
Ook in het plan Vandenbroucke stelde hij voor dat in ziekenhuizen supplementen mogen gevraagd worden van 125 procent,
terwijl extramurale specialisten slechts 25 procent mochten
Waarom??
Er zijn nu talrijke ambulante zorgverleners die te lage vergoedingen krijgen!
Zoals dermatologen, huisartsen, oogartsen, pediaters, psychiaters, etc
Ondersteun consultaties aub
-denkt u dat het na de ‘opsplitsing ‘ het beter zal gaan voor artsen? Ik denk van niet
We zullen wéér eens moeten inleveren…
De Overheid zal minder budget hebben
En weer snoeien bij artsen
Daarom is het zó belangrijk dat er financiële autonomie is voor artsen
Een vrij beroep
Men moet stoppen met te “ hervormen om te hervormen “…
Gelukkig verandert men soms van inzichten….
Kijk naar België:
7 jaar terug wilde men uit kernenergie stappen…
Vandaag de dag wil men kernenergie behouden voor als er geen zon of wind is
En ja consensus kan niet altijd…. en dat betekent niet dat men controverse opzoekt…
Kom op voor het vrije beroep van arts aub
Voor autonomie voor alle artsen!