Medi-Sfeer en De Specialist gingen na hoe de politieke partijen reageren op het luik gezondheidszorg in het zomerakkoord van de regering De Wever. Wat daarbij meteen opvalt: de meeste partijen focussen vooral op de fiscale hervorming, de pensioenen en de arbeidsmarkt. De kaderwet van minister Vandenbroucke krijgt minder aandacht. Wat voor de ene een hervorming met respect is, is voor de andere een valkuil of een doorgedrukte ideologische agenda.
Bij Open Vld is het Kamerlid Irina De Knop die het scherpst uit de hoek komt. Volgens haar is er over de ereloonsupplementen eigenlijk “beslist om niet te beslissen”. “De hete aardappel komt bij het overlegmechanisme. Daar beslissen ze over de maximum erelonen. Als er geen akkoord is tegen 2027 beslist de minister zelf.”
Dat laatste vindt De Knop niet onschuldig. “De facto is dat een vetorecht voor Vandenbroucke. Het is duidelijk dat andere partijen niet kunnen winnen van Vandenbroucke: vandaag haalt hij het pensioendossier binnen, morgen dat van de artsen.”
Ze maakt ook brandhout van de framing door verschillende partijen. “Vandenbroucke klopt zich op de borst omdat de hervorming ingaat vanaf 2027. N-VA klopt zich op de borst omdat dan de regering en niet de minister zal beslissen. De conclusie is dat we niet moeten wachten om door Vandenbroucke naar de slachtbank gebracht te worden.” Volgens Open Vld is “het rode wenslijstje nagenoeg volledig afgevinkt.”
N-VA: “Compromis met respect voor de arts”
Bij N-VA klinkt een heel ander geluid. Kamerleden Kathleen Depoorter en Frieda Gijbels spreken over een moeilijk, maar evenwichtig compromis waarin de stem van de artsen wel degelijk is meegenomen. “Een verantwoorde aanpak van supplementen kan alleen slagen als ze hand in hand gaat met een hervorming van de ziekenhuisfinanciering en een eerlijke herziening van de tarieven via de nomenclatuur.” Die drie hervormingsluiken zijn volgens N-VA nu structureel aan elkaar gekoppeld.
De sector krijgt tot midden 2027 de tijd om zelf akkoorden te sluiten. Doet ze dat niet, dan beslist de voltallige regering, niet Vandenbroucke alleen. Verder verdwijnen de omstreden 25%-regel en blijft partiële conventie behouden. Ook ziekenfondsen krijgen meer financiële verantwoordelijkheid, oplopend tot 100 miljoen euro in 2029.
Voor N-VA draait het niet alleen om inhoud, maar ook om toon en respect. “We hebben gevochten voor respect voor de artsen,” zegt Depoorter. “Hervormingen moeten de patiënt en zorgverlener ten goede komen. We zijn tevreden dat er nu ruimte is voor dialoog, ondernemerschap en het vrij beroep.” Gijbels voegt toe: “We hebben tot het allerlaatste moment de stem van de artsen laten horen, ook rechtstreeks aan de minister.”
Vooruit: “Een sociaal keerpunt voor de zorg”
Vooruit, de partij van Vandenbroucke, kijkt dan weer met heel andere ogen naar het akkoord. Voor de socialisten is dit net een historische doorbraak. “Er is geen enkele twijfel meer dat een beperking van de supplementen zal worden doorgevoerd in alle sectoren en bij alle disciplines.”
De partij benadrukt dat het overleg eerst de kans krijgt om tot afspraken te komen. “De regering geeft nu de kans aan vertegenwoordigers van zorgverleners en artsen om limieten op ereloonsupplementen te onderhandelen. Als die onderhandelingen niets opleveren, zal de regering zelf limieten opleggen.” Vooruit noemt het zomerakkoord “een goed akkoord om onze gezondheidszorg betaalbaar te houden en beter te maken voor de toekomst.”
Ook aan de uiterste kant van het politieke spectrum is er reactie. Vlaams Belang-Kamerlid Dominiek Steppe deelde op X een bericht van een arts die geen vertrouwen heeft in het akkoord: “Zijn er echt collega’s die denken dat we hier iets gewonnen hebben? Vandenbroucke wint op alle fronten. De enige échte oplossing is een langdurige, massale staking. Die kaderwet moet weg. Trap hier niet in.”








