Werktijden van artsen: de FEMS wil een einde maken aan de opt-out

11 uur rust per dag, 48 uur per week, 4 weken vakantie: op papier beschermt de Europese richtlijn artsen tegen uitputting. In de praktijk heeft België ervoor gekozen hiervan af te wijken: het behoort tot de elf lidstaten die gebruikmaken van de opt-out, de clausule die het toestaat de maximumgrenzen te overschrijden. De European Federation of Salaried Doctors (FEMS) wil hier nu een einde aan maken: door een tekort aan personeel is naleving van de richtlijn onmogelijk geworden, ten koste van onhaalbare rusttijden, wachtdiensten van 12 tot 24 uur en verlof dat velen nooit opnemen.

De opt-out is de afwijking die een arts in staat stelt om, op zogenaamd vrijwillige basis, de limiet van 48 uur per week te overschrijden. Elf landen staan dit toe in de zorgsector, waaronder België, Duitsland, Frankrijk, Spanje en Nederland. Het is precies deze flexibiliteit die de FEMS wil reguleren, met als argument dat Richtlijn 2003/88/EG de gezondheid en veiligheid van werknemers als een doelstelling beschouwt die niet ondergeschikt mag worden gemaakt aan louter economische overwegingen. Let op: het document bevindt zich nog in de ontwerpfase.

Het standpuntdocument bespreekt artikel voor artikel de bepalingen die in de medische praktijk onuitvoerbaar zijn in situaties van personeelstekort.

Tabel – De knelpunten tussen de richtlijn en de medische praktijk, volgens de FEMS.

Bepaling Wat de richtlijn voorschrijft Het door de FEMS aan de orde gestelde probleem
Dagelijkse rusttijd (art. 3) 11 aaneengesloten uren Een chirurg onderbreekt een operatie niet; het personeelstekort maakt rust aan het einde van de dienst onmogelijk.
Pauzes (art. 4) Pauzes tijdens de werktijd Onuitvoerbaar op de spoedeisende hulp, de intensive care of in de operatiekamer, waar 24 uur per dag aanwezigheid moet worden gegarandeerd.
Wekelijkse werktijd (art. 6) Maximaal 48 uur Wordt omzeild door overuren, of zelfs door werknemers in te zetten als zelfstandigen; het cumuleren van contracten wordt niet samengevoegd.
Jaarlijks verlof (art. 7) Minimaal 4 weken Vaak onmogelijk op te nemen bij gebrek aan personeel, waardoor er een opeenstapeling ontstaat van niet-opgenomen verlof.
Nachtwerk / wachtdiensten (art. 8) Regelgeving inzake nachtwerk en wachtdiensten De "ter plaatse" doorgebrachte wachtdienst kan als arbeidstijd worden beschouwd, maar de regel wordt nog steeds slecht omgezet.

Bron: FEMS, standpuntnota EWTD (2026, ontwerp).

Een uitgebreide Europese jurisprudentie
Wat betreft de wachtdiensten baseert de FEMS zich op een reeks arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie, waarin is vastgesteld dat wachtdienst als arbeidstijd kan worden aangemerkt, afhankelijk van de intensiteit van de eisen die aan de arts worden gesteld. Het probleem, zo benadrukt de federatie, blijft de gebrekkige nationale omzetting, evenals het gebrek aan controle en sancties; een lidstaat kan zich immers niet beroepen op de loutere noodzaak om de gezondheidszorg voor de bevolking te waarborgen om de niet-naleving van de richtlijn te rechtvaardigen.

De door de federatie aangedragen oplossingen
Wat stelt de FEMS voor? Het personeelsbestand berekenen op basis van de werkelijke voltijdsequivalenten van een beroepsgroep die vergrijst en steeds meer uit vrouwen bestaat; zware of onregelmatige werktijden financieel compenseren; een maximum stellen aan overuren; sancties opleggen aan lidstaten die de richtlijn niet omzetten; en huisartsen expliciet onder de regeling opnemen om de eerstelijnszorg te beschermen. De federatie biedt zich ten slotte aan als partner van de Europese Commissie om per land de kloof tussen regelgeving en praktijk in kaart te brengen.

Wat staat er voor België op het spel? Het handhaven van de opt-out betekent accepteren dat artsen de Europese drempels zullen blijven overschrijden, terwijl de FEMS hierin een factor van uitputting en verloop ziet. "Dit is een fundamenteel debat", benadrukt dr. Pierre Maldague, afgevaardigde van de FMS bij de FEMS. "Uit de wetenschappelijke literatuur blijkt duidelijk dat de kwaliteit van de zorg wordt beïnvloed door de levenskwaliteit van artsen. Als we die aantasten, brengen we dus rechtstreeks de gezondheid van onze patiënten in gevaar.” Hij voegt hieraan toe: "Het begrip ‘voltijdsequivalent’ is een essentieel onderdeel geworden van de hervorming van het ziekenhuislandschap en de ondersteuning van de eerstelijnszorg. Een groot deel van onze collega’s werkt tegenwoordig in deeltijd. We moeten de structuren dus aanpassen aan de maatschappelijke ontwikkelingen als we het zorgaanbod willen waarborgen.”

> Lees ook: Werktijd van artsen in opleiding: 71% boven de wettelijke limiet

  • FEMS, position paper « Ensuring Compliance with the European Working Time
    Directive for Medical Doctors in the Context of Workforce Shortages » (2026, projet) ;
    FEMS, White Book « Working Conditions of European Doctors » (2024), pour la liste des
    pays activant l’opt-out ; www.fems.net.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Bruno Vandekerckhove

    09 juli 2026

    Vraag is of onder dergelijke omstandigheden men niet beter een staflid of een ziekenhuisarrs op zelfstandige basis in dienst neemt dan dat men ASO opleidt. Sommige diensten zullen de rekening maken.