Bewoners, families, zorgverleners en de directie blijven zich verzetten tegen de sluiting van woonzorgcentrum Vordenstein in Schoten. Ze stappen samen naar de burgerlijke rechtbank, zo bevestigt rusthuisgroep Emeis (vroeger Orpea).
Eind vorig jaar besloot het Departement Zorg de erkenning van Vordenstein in te trekken na aanhoudende tekortkomingen. Het rusthuis stapte naar de Raad van State maar kwam van een kale reis thuis. Die besloot vorige week om de intrekking van de erkenning niet te schorsen wegens geen urgentie.
Het woonzorgcentrum, waar momenteel een zeventigtal bewoners verblijft, zal op 31 maart 2026 definitief de deuren moeten sluiten. Voor de bewoners moet met andere woorden nieuwe huisvesting worden gevonden, in andere woonzorgcentra of ouderenvoorzieningen.
Daar blijken weinig mensen zin in te hebben, zo blijkt nu. Dinsdagochtend vergezelden enkele families de directie van zorggroep Emeis voor een ontmoeting met minister Caroline Gennez (Vooruit). "De ontvangst was vriendelijk en de minister heeft aandachtig geluisterd", klinkt het bij Emais.
Zorgkwaliteit
Gennez verdedigde de beslissing tot sluiting vorige week nochtans. Er waren volgens haar vijftien inspecties uitgevoerd in drie jaar tijd. De experten van de beoordelingscommissie zouden, nog volgens de minister, helder hebben aangegeven dat de kwaliteit van de zorg niet langer kon worden gegarandeerd.
Een delegatie informeerde de minister vervolgens over een nieuwe juridische stap voor het verzekeren van de toekomst van de residentie. "In het belang van de bewoners en hun families", luidt het. "Omdat er voor de bewoners en families wel degelijk sprake is van urgentie, namelijk voor het welzijn en de gezondheid van de bewoners, trekken twaalf families samen met het woonzorgcentrum naar de rechtbank van eerste aanleg."
De bewoners en hun families beroepen zich onder meer op het recht op gezondheid en het recht om betrokken te worden bij verregaande beslissingen. "Geen enkele van onze brieven aan alle mogelijke instanties, zelfs met een petitie van bijna 400 handtekeningen, werd ernstig genomen", getuigen de families. "Voor onze familieleden in het woonzorgcentrum is het vijf voor twaalf. We willen al het mogelijke doen om hun de kans te geven in hun thuis te blijven, met hun zorgteam."
Aan de rechtbank wordt gevraagd om het woonzorgcentrum minstens open te laten tot de Raad van State zich ten gronde heeft uitgesproken over de annulatie van de intrekking van de erkenning. "Zo kunnen de bewoners in alle rust en veiligheid in hun vertrouwde omgeving blijven", aldus de families. Wat men over het hoofd lijkt te zien, of net niet, is dat een uitspraak ten gronde nog verschillende jaren op zich kan laten wachten.
Menselijke oplossingen
Parallel met de juridische demarche vraagt men vanuit Vordenstein aan minister Gennez om het hele dossier opnieuw te bekijken. "De minister moet zoeken naar een proportionele en menselijke oplossing die gedwongen verhuisbewegingen vermijdt en bewoners toelaat in hun vertrouwde omgeving te blijven, met behoud van de tewerkstelling", zegt het woonzorgcentrum.
Bij het Departement Zorg gaf men eerder toe dat het rusthuis tussen de inspecties door af en toe wel eens wat vooruitgang boekte. Maar na verloop van tijd doken oude kwalen telkens weer op. Toch zijn de bewoners van Vordenstein naar eigen zeggen "geschokt". "Met name door de disproportionaliteit van de intrekking van de erkenning en de desastreuze gevolgen voor de bewoners, en ook door de verdraaiing en overdrijving van bepaalde feiten."
Men verwijst naar de verwijten rond het personeelstekort, waarover in de inspectie van februari 2025 helemaal geen sprake zou zijn. "In de loop van 2024 was er op verschillende momenten een tekort aan verpleegkundig personeel", geeft men toe. "Maar dat waren telkens situaties van overmacht."
Daarnaast werd meermaals gezegd dat de privacy van de bewoners niet werd gerespecteerd. Ook dat argument zou niet ernstig zijn volgens de rusthuisbewoners. Het zou gaan om menselijke vergetelheden.
"De inspectie van september 2025 bevestigde dat de werking opnieuw stabiel was", besluit de directie. "Het is moeilijk uit te leggen, aan iedereen die hier al een jaar lang aan de kar trekt, dat onze aantoonbare vooruitgang geen enkele rol lijkt te spelen. Bovendien botsen de families nu op wachtlijsten bij andere instellingen die vaak dezelfde fouten maakten."








