Geert Noels noemt stijging aantal langdurig zieken “de grootste sociale fraude ooit”

Econoom Geert Noels gebruikt scherpe woorden voor de stijging van het aantal langdurig zieken. In een opiniestuk in De Standaard noemt hij die evolutie zelfs “de grootste sociale fraude ooit in dit land”. Daarmee kiest hij voor een confronterende analyse van een dossier dat al geruime tijd hoog op de politieke agenda staat.

Noels vertrekt van cijfers die al langer de aandacht trekken van beleidsmakers. Eind 2025 telde België 576.643 langdurig zieken. Wanneer ook ambtenaren worden meegerekend, loopt dat aantal op tot bijna 700.000 personen. Zonder bijkomende maatregelen kan dat aantal tegen 2030 stijgen tot ongeveer 870.000.

De financiële impact is aanzienlijk. De kostprijs van langdurige arbeidsongeschiktheid raamt hij op 11 tot 14 miljard euro per jaar. Daarbij houdt hij niet alleen rekening met de uitkeringen, maar ook met de economische gevolgen van langdurige afwezigheid op de arbeidsmarkt.

Noels wijst erop dat langdurig zieken de maatschappij vandaag meer kosten dan werklozen en bruggepensioneerden. Daardoor beschouwt hij het dossier als een van de grootste financiële uitdagingen voor de sociale zekerheid.

“Een sociaal-economische ramp”

Noels laat weinig ruimte voor nuance. “Dat is een sociaal-economische ramp”, schrijft hij. Even verder scherpt hij zijn analyse nog aan. De sterke toename van het aantal langdurig zieken noemt hij “de grootste sociale fraude ooit in dit land”.

Die conclusie baseert hij onder meer op steekproeven waaruit blijkt dat een aanzienlijk deel van de langdurig zieken nog wel degelijk kan werken. Voor de econoom is de evolutie symptomatisch voor een systeem dat uit de hand dreigt te lopen. “Wie pleit voor een basisinkomen, komt te laat: in België hebben veel mensen zich dat al toegeëigend”, schrijft hij.

De kritiek van Noels beperkt zich niet tot de cijfers. Hij richt zijn pijlen ook op de manier waarop langdurige arbeidsongeschiktheid vandaag wordt georganiseerd en gecontroleerd. “Ons systeem met ziekenfondsen en vakbonden ziet erop toe dat het niet meer kan worden teruggedraaid”, schrijft hij.

Daarmee viseert hij instellingen die mee verantwoordelijk zijn voor het huidige systeem. Tegelijk wijst hij op de gevolgen voor de arbeidsmarkt. Terwijl bedrijven in verschillende sectoren moeilijk personeel vinden, groeit het aantal mensen dat langdurig buiten de arbeidsmarkt blijft.

“Veel langdurig zieken kunnen werken”

Vanuit die analyse pleit Noels voor een veel strengere controle van langdurige ziekte-uitkeringen. “Uit steekproeven blijkt dat een significant deel van de langdurig zieken gewoon kan werken”, schrijft hij.

“Nog maar 100.000 minder onterechte uitkeringen levert al een besparing van 2 miljard euro op”, becijfert hij. Daarnaast zouden meer mensen opnieuw aan het werk kunnen en bijdragen aan de sociale zekerheid. De econoom gaat zelfs nog een stap verder. “Stel dat we alle onterecht langdurig zieken kunnen activeren, dan zijn het begrotingsprobleem én het concurrentieprobleem grotendeels opgelost”, schrijft hij.

Noels ziet daarin niet alleen een budgettaire winst, maar ook een antwoord op de arbeidskrapte. Toch toont hij zich weinig optimistisch over de slaagkansen van zo'n hervorming. Te veel betrokken partijen hebben belang bij het behoud van het huidige systeem, vindt hij.

Bedreiging voor de welvaartsstaat

De opmerkingen over langdurig zieken maken deel uit van een ruimere analyse van de Belgische economie. Daarin waarschuwt Noels onder meer voor stijgende overheidsuitgaven, een hoge overheidsschuld en een steeds kleinere groep werkenden die het systeem moet financieren.

Daarnaast pleit hij voor lagere lasten op arbeid, een hervorming van de btw en een efficiëntere overheid. Toch neemt het dossier van de langdurig zieken een centrale plaats in zijn analyse in. Voor Noels is de explosieve groei van hun aantal niet alleen een symptoom van wat fout loopt, maar ook een bedreiging voor de houdbaarheid van de Belgische welvaartsstaat.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Guy STORME

    05 juni 2026

    Ja, zelfs de mutualiteiten organiseren het: zie de franstalige minister die de vreeg kreeg of ze steun nodig had.

    Vergeet niet dat mutualiteiten hoe meer kosten er zijn (ook door uit te delen) ze rijker worden.

    Misschien rijke taks ooo wat ze bezitten alsook bij de vakbonden? Maar politieke binding maakt dit niet mogelijk.

  • Paul DALEMANS

    04 juni 2026

    Meer dan gelijk. Te weinig controle door onafhandelijke artsen De Geneeskundige Raad voor Invaliditeit (GRI) onmiddelljk terug installeren en in elke provincie 10 zittingen per week (800 invalieden per week). De GRI bestond vroeger uit twee adviserende geneesheren en een geneesheer inspecteur van het Riziz als voorzitter. De opgeroepen invalieden waren geen deel van de mutualiteit van de adviserend geneesheren die zitting hadden. Gemiddeld 50 procent van de onderzochten werd aan het werk gezet. De GRI is afgeschaft in het voorjaar van 2016 op aansturen van een Riziv inspecteur wiens naam me nu ontsnapt en het was de grootste vergissing die men ooit begaan heeft binnen het Riziv.

  • Frank Comhaire

    04 juni 2026

    De grootste oorzaak ligt bij de problemen om de mate van arbeids(on)geschiktheid te bepalen/meten. Voor psychische aandoeningen schieten alle testen, en de psychiaters die ze toepassen, schromelijk te kort. Voor chronische rugpijn bestaat een zeer eenvoudige objectieve snelle en pijnloze meetmethode, met grote reproduceerbaarheid EN betrouwbaarheid! Maar, die wordt niet toegepast, omdat de bevoegde autoriteiten ze blijkbaar niet kennen, alhoewel meerdere uitstekende internationale wetenschappelijke publicaties daaromtrent sinds meerdere jaren aanwezig zijn!

  • Eric Feron

    03 juni 2026

    Geert Noels legt de vinger op een echte wonde, en dat is nodig. De stijging van het aantal langdurig zieken is een van de grootste uitdagingen voor onze sociale zekerheid. Wie dat ontkent, kijkt weg.
    Maar in deze discussie valt me iets op. Veel aandacht gaat naar het deel van de langdurig zieken dat onterecht in het systeem zou zitten. Veel minder aandacht gaat naar de keerzijde: de ondermaatse activering en begeleiding van wie wél ziek is en graag opnieuw aan de slag wil.
    Noels stelt een scherpe diagnose. Maar een aanpak die vooral inzet op controle en sanctielogica behandelt vooral het symptoom, niet de oorzaak. Dat is dweilen met de kraan open: je ruimt de plas op, maar de kraan blijft lopen.
    Waar er misbruik is, moet dat uiteraard worden aangepakt. Maar misbruik bestrijden is iets anders dan langdurige ziekte als geheel framen als fraude.
    Arbeidsgeneesheer en KU Leuven-hoogleraar Lode Godderis waarschuwt terecht dat mensen die vooral uit angst voor een sanctie opnieuw aan het werk gaan, vaak terechtkomen in jobs waarvoor ze nog niet klaar zijn of die niet passen bij hun belastbaarheid. Zulke re-integratie houdt geen stand. Ze kan op korte termijn misschien budgettair aantrekkelijk lijken, maar op lange termijn vallen mensen opnieuw uit. En dan belandt de rekening opnieuw bij de sociale zekerheid.
    Bij veel langdurig zieken is het probleem niet dat ze niet willen werken, maar dat ze niet duurzaam kunnen terugkeren zonder aangepaste begeleiding. Duurzame werkhervatting ontstaat zelden uit angst. Ze ontstaat uit tijdige ondersteuning, realistische werkhervatting, aangepaste taken en goede samenwerking tussen patiënt, huisarts, arbeidsarts, adviserend arts en werkgever.
    En laten we niet vergeten wat een ziekte-uitkering in essentie is: een verzekering waaraan je bijdraagt wanneer het goed gaat, zodat ze er is wanneer het misloopt. Wie de stijging van langdurige ziekte de grootste sociale fraude ooit noemt, dreigt zieken als groep verdacht te maken in plaats van het systeem te herstellen.
    Dus ja: het probleem is reëel en dringend. Maar laten we het denkproces omdraaien. Investeer eerst in duurzame terugkeer, preventie en echte begeleiding. De winst voor de schatkist volgt daaruit. Niet omgekeerd.