© Pieter Van Acker
Tijdens het debat over langdurig zieken op het congres van Medische Wereld op de campus van het UZ Brussel vond 62,4% van het publiek dat het hoge aantal langdurig zieken vooral een probleem is voor de overheid. Daarnaast vond 25,8% dat vooral de zieken zelf de gevolgen dragen. Slechts 7,5% zag het vooral als een probleem voor de ziekenfondsen en amper 4,3% wees naar de artsen.
Onder leiding van VRT-journalist Bart Verhulst gingen dr. Jos Vanhoof, voorzitter van het Vlaams Artsensyndicaat, Irina De Knop (Anders), professor gezondheidseconomie Lieven Annemans (UGent), Xavier Brenez (Onafhankelijk Ziekenfonds), N-VA-fractieleider Axel Ronse en arbeidsarts Eddy De Block stevig met elkaar in discussie over de stijgende cijfers van arbeidsongeschiktheid, de verantwoordelijkheid van artsen en ziekenfondsen en de vraag waarom zoveel mensen zo moeilijk opnieuw aan het werk raken.
De kraan blijft open
Axel Ronse zette meteen de toon scherp. Volgens hem is langdurige arbeidsongeschiktheid “vooral een probleem voor de zieken”, omdat “de poortwachters, de ziekenfondsen, hun taak op een lamentabele manier uitvoeren waardoor heel veel geld dat bedoeld is voor kwetsbare mensen niet bij die mensen terechtkomt”.
Jos Vanhoof vond dat het debat veel breder gevoerd moet worden. “Het is een probleem dat iedereen aangaat”, zei hij. “Willen we iets doen met het resterende arbeidspotentieel van langdurig zieken, dan moeten we het veel breder bekijken.”
Ook Irina De Knop benadrukte dat de stijgende cijfers een collectief falen blootleggen. “We laten mensen te lang in arbeidsongeschiktheid terwijl we weten dat werk een deel kan zijn van het herstel”, stelde ze. “Het is onaanvaardbaar dat honderdduizenden mensen die langer dan een jaar in invaliditeit zitten, gewoon blijven zitten.”
Lieven Annemans bracht het debat terug naar de menselijke impact van langdurige uitval. “Mensen die arbeidsongeschikt zijn, zijn vaak ongelukkiger dan mensen die aan het werk zijn. Iedereen heeft behoefte aan purpose, aan zingeving. Mensen die langdurig ziek zijn voelen die purpose niet meer.”
Volgens Annemans maakt ook stigmatisering de situatie zwaarder. “Als er dan ook nog eens wordt gezegd dat het allemaal profiteurs zijn, draagt dat extra bij aan het gevoel van niet-welzijn.” Hij verzette zich daarom tegen het cliché dat langdurig zieken niet zouden willen werken. “De mensen die liever lui dan moe zijn, vormen een minderheid. Heel veel mensen in arbeidsongeschiktheid doen moeite om terug aan werk te geraken en we moeten die helpen.”
Tegelijk waarschuwde hij voor een structurele evolutie. “De instroom van mensen die primair arbeidsongeschikt worden, blijft stijgen. De kraan blijft openstaan.”
Gratis brood
Vanhoof schetste vervolgens een profiel van de langdurig zieken: het gaat om patiënten met lage rugpijn, chronische pijn, burn-out, depressie en chronisch vermoeidheidssyndroom. “Vaak hebben ze moeilijk objectiveerbare klachten en is er op een bepaald moment een trigger die de emmer doet overlopen.”
Hij verwees naar conflicten op het werk, waarbij ziekte op een bepaald moment een uitweg wordt om thuis te blijven. “Net daarin schuilt het gevaar want hoe langer het blijft duren, hoe hoger de drempel om terug naar werk te gaan.”
Vanhoof wees daarnaast ook naar de manier waarop systemen historisch gegroeid zijn. “Toen ik begon als jonge arts kreeg ik van mensen in het onderwijs te horen: ‘Ik heb nog 300 ziektedagen, ik ga die nu opnemen.’ Dat is een structuur die gecreëerd is.” Daarbij gebruikte hij een vergelijking die in de zaal bleef hangen. “Als je vandaag het brood gratis maakt, dan puilen overmorgen de vuilbakken uit van het brood. Je moet de structuur remediëren.”
Intussen bracht Ronse het financiële plaatje op tafel. “Aan uitkeringen alleen zitten we op een jaarlijkse kost van 14 miljard euro voor primaire en langdurig zieken samen”, zei hij. “Volgens het Planbureau zou dat tegen 2029 richting 19 miljard euro gaan.”
Dat is budgettair onhoudbaar, vervolgde hij. “We gaan op dat moment 19 miljard betalen aan ziekte-uitkeringen en 22 miljard aan rente op onze schulden. Het budget staat gewoon op exploderen als we niets doen.” Toch benadrukte hij tegelijk dat hij het sociale systeem niet wil afbouwen. “Er is niets mis met steunmaatregelen. We mogen fier zijn op ons sociaal systeem en we moeten dat ook behouden. Precies daarom moeten we nu ingrijpen.”
De parking
Vervolgens richtte Ronse zijn pijlen expliciet op de ziekenfondsen. Volgens de fractieleider zit daar “de constructiefout” van het systeem. “CM heeft een één-op-éénband met CD&V, Solidaris is letterlijk een verlengstuk van Vooruit. Beeld u in: Solidaris mag oordelen over de arbeidsongeschiktheid van haar eigen leden. Controles tonen aan dat zes op de tien mensen onterecht arbeidsongeschikt zijn verklaard”, zei hij.
Daarbij verwees hij naar wat de ziekenfondsen zelf “de parking” noemen. “Als je iemand te laat oproept voor controle op arbeidsongeschiktheid, riskeer je een sanctie als ziekenfonds. Maar je krijgt die sanctie pas als je die persoon effectief oproept. Wat doen sommige ziekenfondsen dan? Ze zetten mensen op de parking en roepen ze niet meer op.” Zijn conclusie was duidelijk: “Haal die controle weg bij de ziekenfondsen.”
Xavier Brenez verzette zich fel tegen die analyse. Volgens hem ligt de oorzaak elders. “Het beleid heeft niet gefaald”, zei hij. “De toename van arbeidsongeschiktheid is het gevolg van beleid rond pensioen, brugpensioen en werkloosheid.”
Hij wees erop dat de actieve bevolking zowel groter als ouder geworden is. “Een paar jaar geleden was 7% van de actieve bevolking arbeidsongeschikt. Dan wordt dat 7% op een grotere groep. En omdat de gemiddelde leeftijd ook stijgt, wordt die 7% dan 10%.”
Annemans sloot zich daar gedeeltelijk bij aan. “Dat is het systeem van communicerende vaten”, zei hij. “Als minder mensen met pensioen kunnen gaan en minder mensen in werkloosheid terechtkomen, dan zien we een shift richting langdurige arbeidsongeschiktheid.”
Toch verklaart dat volgens hem slechts een deel van het probleem. “We zien elk jaar een verhoging van de incidentie van arbeidsongeschiktheid. Eén op de vier werknemers is diep ongelukkig op het werk en dat zijn de eersten die in aanmerking komen voor burn-out, depressie en vage klachten. Werkgevers worden te weinig geresponsabiliseerd.”
Wetgeving te vaag
Vanuit die discussie verschoof het debat naar de rol van artsen zelf. Moderator Bart Verhulst legde het publiek via een tweede poll de vraag voor of artsen mee verantwoordelijk zijn voor het hoge aantal langdurig zieken. Liefst 78,6% vond van wel, terwijl 21,4% oordeelde dat artsen geen medeverantwoordelijkheid dragen.
Jos Vanhoof erkende dat artsen vaak in een moeilijke positie terechtkomen. “Patiënten zeggen dan: ‘Ik moet pas binnen zes weken terugkomen bij de adviserend geneesheer van het ziekenfonds.’ Automatisch wordt dan de verwachting gecreëerd dat het ziekteattest verlengd wordt.” Dat zet huisartsen onder druk. “In mijn vertrouwensrelatie met de patiënt zou ik dan moeten zeggen: ‘Neen, neen, je kan gaan werken.’”
Irina De Knop reageerde scherp op de versnipperde verantwoordelijkheden. “Het is stuitend dat niemand de eindverantwoordelijkheid heeft”, zei ze. Brenez verdedigde daarop opnieuw de adviserende artsen. “Het klopt niet dat ziekenfondsen te weinig controleren”, zei hij. “De kern van de zaak is dat de wetgeving te vaag is.”
Dat argument kon Ronse niet overtuigen. Hij verwees naar een rapport uit 2015 van de gewestelijke raad voor invaliditeit. “Mensen die op invaliditeit waren gezet door ziekenfonds X werden gecontroleerd door ziekenfonds Y en iemand van het Riziv. Op acht jaar tijd zijn 78.000 mensen gecontroleerd. Bij 35.000 werd de arbeidsongeschiktheid ingetrokken. Dat is de beste studie ooit.”
48% heeft arbeidspotentieel
Arbeidsarts Eddy De Block verwees naar de Nederlandse aanpak, waar een onafhankelijke arts mee beoordeelt. Volgens hem ligt er wel degelijk potentieel voor re-integratie. “48% van de langdurig zieken heeft effectief arbeidspotentieel”, benadrukte hij. “Ongeveer de helft kan via een re-integratietraject terug aan het werk geholpen worden.”
Minister Frank Vandenbroucke wil langdurig zieken sneller opnieuw richting werk begeleiden door hen na maximaal één jaar opnieuw te laten evalueren en te bespreken welke vorm van werkhervatting nog mogelijk is. Werkgevers moeten binnen de zes maanden aangepast werk voorstellen en mee verantwoordelijkheid opnemen voor de uitkering.
Kritiek op Vandenbroucke
Irina De Knop vond die maatregelen onvoldoende daadkrachtig. “Vandenbroucke doet veel, maar dit is veel te laat”, zei ze. “Je moet mensen veel sneller aanklampen.” Ze verwees ook naar het beperkte gebruik van bestaande instrumenten. “Het is schrijnend dat er een terug-naar-werkfonds bestaat met een budget van 20 miljoen euro dat nauwelijks gebruikt wordt.”
Tegelijk waarschuwde ze voor een te zware belasting van bedrijven. “Met de huidige economische situatie gaan onze bedrijven helemaal onderuit als werknemers de eerste twee jaar moeten bijbetalen zoals in Nederland.”
Volgens De Knop moet de overheid zelf orde op zaken stellen. “Vandenbroucke doet veel, maar niet doortastend genoeg en hij blijft voortwerken op een systeem waarvan het verleden bewezen heeft dat het niet werkt. Sinds hij bevoegd is, zijn de kosten met 50% gestegen. Dat zijn feiten.”
Lees ook:
> Langdurig zieken : Artsensyndicaat grijpt discussie aan om onafhankelijk controlesysteem te eisen
> Ziekenfondsen verdedigen aanpak langdurig zieken in de Kamer
> Kwart langdurig zieken kreeg onterecht uitkering
> Recordaantal langdurig zieken in België, maar cijfers minder snel gestegen









Laatste reacties
Johan NAESENS
11 mei 2026Volgens mij is gans onze gezondheidszorg te "woke". Niemand, noch huisartsen, noch specialisten, noch ziekenfondsartsen, durft nog in te gaan tegen een mening van een patient die vindt dat hij niet kan gaan werken om de een of andere reden. Een groot percentage zal wel een volstrekte medische reden hebben om langdurig ziekt te zijn maar ook een groot gedeelte van de langdurig zieken hebben door de affirmatie door wij , de geneesheren, van hun ziekte het gelijk aan hun kant gekregen en geloven daardoor zelf in hun bijna "ongeneeselijke" ziekte. Waarom zijn zelfstandigen, dokters, kinesisten veeartsen ++++ zo weinig thuis wegens ziekte. Hebben zij dan werkeijk zo'n betere gezondheid dan werknemers?
Misschien moeten de arsten zelf beginnen strenger worden om langdurig ziekteverlof te initieren.