ICHO waarschuwt voor te snelle groei van het aantal Haio’s

Terwijl opnieuw tienduizenden jongeren zich beginnen voor te bereiden op het toelatingsexamen geneeskunde, stijgt het aantal studenten dat aan de opleiding mag beginnen jaar na jaar. Die evolutie zal zich onvermijdelijk vertalen in meer kandidaten voor huisartsgeneeskunde. Het ICHO waarschuwt dat een te snelle groei van het aantal Haio’s de kwaliteit van opleiding en begeleiding onder druk zet.

De stijgende instroom in de opleiding geneeskunde is deels ingegeven door reële zorgnoden. Toch volstaat het volgens Ann Gils, lid van het directieteam van het Interuniversitair Centrum voor Huisartsopleiding (ICHO), niet om louter naar aantallen te kijken: “Momenteel bereiden opnieuw tienduizenden studenten zich voor op het toelatingsexamen geneeskunde. Het aantal studenten dat aan de opleiding mag beginnen, nam de voorbije jaren sterk toe. Dat is op zich positief, maar het ICHO pleit niet voor een overdadige instroom.”

“Wat we nodig hebben, is een doordachte en juiste instroom van geneeskundestudenten. Dat is cruciaal voor de toekomst van de huisartsgeneeskunde,” vervolgt ze. Volgens Gils moet die instroom bovendien aansluiten bij de manier waarop de zorg georganiseerd is. “Tegelijk vraagt dit om een andere organisatie van de eerstelijnszorg, zodat huisartsen maximaal kunnen doen waarvoor ze zijn opgeleid.”

Grote schommelingen
In het verleden leidden abrupte wijzigingen in instroom en uitstroom tot ongewenste effecten, stelt het ICHO vast. Een sterke toename van het aantal afgestudeerde artsen in de jaren zeventig en tachtig werd gevolgd door strikte quota, die op korte termijn het overaanbod corrigeerden, maar op langere termijn bijdroegen aan tekorten en verminderde toegankelijkheid van huisartsen.

Volgens de ICHO-directie tonen die evoluties aan dat grote schommelingen het zorgsysteem kwetsbaar maken. Stabiliteit en voorspelbaarheid zijn essentieel om opleiding en zorg duurzaam te organiseren, luidt het.

De interuniversitaire huisartsopleiding wordt vandaag op grote schaal georganiseerd, met meer dan duizend Haio’s. Die schaal laat volgens het ICHO toe om expertise te bundelen en de inhoudelijke kwaliteit te bewaken. Tegelijk wordt de opleiding bewust georganiseerd in kleinschalige begeleidingscontexten, met intervisiegroepen, vaste begeleidingslijnen en nauwe opvolging.

Die balans is volgens ICHO essentieel. Een snelle toename van het aantal Haio’s legt druk op alle schakels van de opleiding: opleidingspraktijken, praktijkopleiders, docenten, coördinatoren en ondersteunende structuren. Minder tijd voor begeleiding en reflectie dreigt dan de norm te worden, met een onvermijdelijke impact op de kwaliteit.

Motivatie als bepalende factor
Naast het aantal instromende Haio’s wijst ICHO ook op het belang van motivatie. Huisartsgeneeskunde is geen vanzelfsprekende uitwijkoptie, maar een bewuste keuze voor een vak met professionele autonomie, inhoudelijke breedte en langdurige arts-patiëntrelaties.

An Stockmans, eveneens lid van de ICHO-directie, verwoordt het als volgt:
“Groei in de huisartsgeneeskunde is nodig, maar moet doordacht gebeuren. Een te snelle instroom ondermijnt de kwaliteit van opleiding en begeleiding. De kracht van de huisartsopleiding zit in een sterke organisatie, gecombineerd met nabije, persoonlijke begeleiding.” 

Motivatie blijkt bovendien cruciaal om huisartsen aan boord te houden. “Niet alleen de aantallen tellen, ook motivatie. Wie bewust voor huisartsgeneeskunde kiest, blijft langer actief en met meer werkplezier,” aldus Stockmans.

Een keuze voor kwaliteit
Volgens de ICHO-directie kan de druk op huisartsen niet uitsluitend worden opgevangen door meer artsen op te leiden. Ook de organisatie van de eerstelijnszorg moet mee evolueren. Doordachte taakdelegatie en samenwerking met andere zorgprofessionals kunnen huisartsen ontlasten en ruimte creëren voor complexe zorg, continuïteit en de arts-patiëntrelatie. Dat versterkt zowel de kwaliteit van zorg als de aantrekkelijkheid van het beroep.

Het ICHO pleit daarom voor een geleidelijke en gecontroleerde groei van het aantal Haio’s. Niet om de instroom af te remmen, maar om te bewaken wat de opleiding sterk maakt: kwaliteit, nabijheid en motivatie. Een stabiele instroom, afgestemd op de beschikbare begeleidingscapaciteit, is volgens ICHO de beste garantie op een duurzame uitstroom van goed opgeleide huisartsen. Zoals An Stockmans het samenvat: “Geleidelijke groei is geen rem, maar een kwaliteitskeuze voor duurzame en toegankelijke zorg.”

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Walter VAN ROMPAEY

    07 februari 2026

    Ik dacht net dat minister Demir vanaf de start van het academiejaar 2028-2029 daarenboven het percentage huisartsen nog verder wil verhogen van 35% naar 43% door de subquota voor specialisten te verlagen .
    Dat is toch in totale contradictie met dit artikel , met andere woorden de vermelde problemen zullen slechts verder toenemen . Is er dan totaal geen overleg tussen het ministerie en de werkvloer ?