Ze zijn een oud zeer maar nog steeds een zeer prangend probleem: LASA-geneesmiddelen (“look-alike, sound-alike) (1). De overheid lijkt haar kop in het zand te steken voor het probleem dat leidt tot medicatiefouten in de anesthesie en op de intensive care. Recent overleg met de overheid leverde maar een lauwe reactie op.
Het werd onlangs nog scherpgesteld door anesthesist-intensivist dr. Guy Loup Dulière (CHR Citadelle Luik) en professor Turgay Tuna (ULB) op de studiedag van de APSAR-BSAR. Hun cijfers waren meer dan verontrustend, blijkt uit ons eerste artikeL.
Last voor de zorgteams, artsen en apothekers
Blijkbaar zijn officiële instanties niet eens op de hoogte van hun eigen veiligheidswaarschuwingen, zoals bij foutieve injecties. BSAR-APSAR pleit sterk voor het uniform labelen van medicijnen om fouten bij invoer uit andere landen te voorkomen. Documenteren van incidenten is ook essentieel. Zonder aanhoudende druk en bewijslast vanuit de sector lijkt het beleid echter geen actie te ondernemen, wat men kan bestempelen als ‘criminele nalatigheid’.
De verantwoordelijkheid ligt nu uitsluitend bij de zorgverleners aan het einde van de keten: de ziekenhuisapothekers, de voorschrijvende artsen en uiteindelijk de verpleegkundige die het geneesmiddel toedient.
De verbeterpunten zijn nochtans duidelijk: kom tot een leesbare, gestandaardiseerde etikettering, met inachtneming van de internationale kleurcodes en een verbod op het gebruik van bepaalde kleuren voorbehouden aan risicovolle moleculen. Dat met uitbreiding van de ISO-norm naar de gehele verpakking en een gebruiksverbod van ISO-kleuren en -presentaties voor andere geneesmiddelklassen. Naast deze punten stelt APSAR-BSAR ook een financiering voor van de implementatie van technologische oplossingen. Denk aan hulp bij identificatie, traceerbaarheid, enzovoorts. Opmerkelijk is ook dat vele Europese landen al een specifieke QR-code hanteren op geneesmiddelen voor ziekenhuisgebruik, maar België niet.
Lauwe reactie
Recent overleg tussen BSAR-APSAR en de Belgische Vereniging van Ziekenhuisapothekers (ABPH-BVZA) enerzijds met het FAGG anderzijds leverde maar een lauwe reactie op. “Dit probleem lijkt geen prioriteit voor de overheid”, besluit dr. Dulière. Een intern comité van het FAGG zou de kwestie wel onderzoeken, maar dat comité zal de resultaten doorgeven aan het Europees Geneesmiddelenbureau. “De bal ligt nu bij hen; we wachten op praktische oplossingen voor zorgverleners en bindende maatregelen”, luidt het.
De Specialist vroeg het FAGG naar een stand van zaken. “De verschillende partijen waren het erover eens dat dit probleem niet op nationaal niveau kan worden opgelost”, klinkt het daar. “In navolging hiervan stuurde het FAGG een informele bevraging over deze problematiek naar de andere lidstaten. Met het oog op een oplossing op Europees niveau, zal het FAGG de resultaten van de bevraging voorstellen op de Coordination Group for Mutual Recognition and Decentralised Procedures – Human (CMDh) van de Head of Medicines Agencies en zo actief een overleg met de andere lidstaten opstarten.”
De urgentie van de kwestie lijkt het FAGG dus weinig of niet in te zien. “We waren het erover eens dat dit zeer lang zou duren, tijd die er eigenlijk niet is”, reageert de BSAR-APSAR. “Op nationaal niveau kan men nu perfect eisen dat de industrie alle ampullen reeds met label voorziet volgens de ISO-norm als belangrijke eerste stap naar een grote uniformiteit.” De artsen zijn er ook voorstander van om dit Europees aan te kaarten en te labelen volgens de ISO-norm. Ook al om geen problemen te hebben bij een stockbreuk en invoer uit het buitenland. “In afwachting kan elk niet conform gelabeld medicament (uit het buitenland ingevoerd bij stockbreuk) bijvoorbeeld in elk ziekenhuis in een parallel circuit komen naast de reguliere medicatiestroom, of kunnen de apotheken zelf gaan labelen (wat het risico op fouten al voor een deel uitsluit).”
Naast de technische aspecten van etikettering en vervaldata, is een cultuuromslag in de zorgen een betere informatieoverdracht bij toezichthouders cruciaal..
Lees ook : "Look-alike, sound-alike"-geneesmiddelen: risico op fouten dat niet licht mag worden opgevat
(1) Deze medicijnen worden gekenmerkt door een visuele of fonetische vaak verwarrende gelijkenis tussen verschillende specialiteiten. Ze vormen dan ook een hoogrisico-categorie voor een aanzienlijk aantal medicatiefouten. Met mogelijk ernstige gevolgen voor de patiënten








