Het gebrek aan uniforme praktijkrichtlijnen in Belgische ziekenhuizen, met name voor patiënten met implantaten, brengt de MRI-veiligheid in het gedrang. De auteurs pleiten voor incidentenrapportage en een verplicht traceerbaarheidsregister voor alle medische hulpmiddelen, wat momenteel niet het geval is. Een centraal probleem dat ze ook aankaarten, is de onvoldoende erkenning van medisch fysici als zorgberoep.
“Een patiënt met een pacemaker wordt doorverwezen voor een MRI-scan. De patiënt maakt een erg verwarde indruk en kan zelf niet vertellen dat hij een pacemaker heeft. Nochtans is het belangrijk dat, vooraleer een MRI-scan genomen wordt, gecheckt wordt of de patiënt een implantaat heeft. Elk implantaat dus ook een pacemaker – heeft namelijk een MR-label. Dat is een label dat de voorwaarden vermeldt waaronder er wel, niet of onder bepaalde voorwaarden gescand mag worden, namelijk “MR Safe”, “MR Unsafe” of “MR Conditional”. Om een dergelijk MR-label te bekomen, worden implantaten door gespecialiseerde firma’s aan uitvoerige tests onderworpen.”
“De zorgverlener zal dus, zoals steeds, het patiëntendossier en desgevallend ook het Centraal Traceerbaarheidsregister (1) moeten raadplegen om zeker te zijn over de condities waaronder er gescand kan worden. De registratie in het Centraal Traceerbaarheidsregister (CTR) van de plaatsing en verwijdering van implantaten die er niet wettelijk verplicht in moeten worden opgenomen, is steeds mogelijk én aanbevolen. ‘Het is al gebeurd dat een patiënt twee keer op drie dagen tijd onder de scanner moest. Het patiëntendossier werd niet opnieuw nagekeken en men merkte niet op dat deze patiënt tussen deze twee MRI-scans een pacemaker ingeplant kreeg (!). Dit had men kunnen/moeten vaststellen in het patiëntendossier of het Centraal Traceerbaarheidsregister’, stelt Timo De Bondt, diensthoofd Medische Fysica in VITAZ en AZ Sint-Blasius.”
“Meer bewustwording rond MRI-veiligheid nodig”
“Wanneer het patiëntendossier en het CTR niet correct ingevuld worden, kunnen er zich risicovolle situaties voordoen bij het scannen van patiënten met implantaten. Samen met andere experten in het vak trekt De Bondt aan de alarmbel en pleit hij voor meer bewustwording rond MRI-veiligheid: ‘Een MRI-scan wordt soms onterecht gezien als ‘veilige’ beeldvormingsmodaliteit. Een MRI-scan is een samenspel van veranderende magneetvelden en elektrische stromen. Er zijn onderbelichte gevaren voor zowel patiënten als omstanders. Bij onvoorzichtige afweging van deze magneetvelden en elektrische stromen kunnen allerlei metalen objecten aangetrokken worden en effectief gevaarlijke “projectielen” vormen of kunnen ernstige brandwonden ontstaan. Daarnaast kan het zijn dat bij patiënten met implantaten de werking van dit implantaat tijdelijk of permanent verstoord wordt ingevolge de interactie met de magnetische velden van de MRI scanner.’”
“Voorzichtigheid blijft dus altijd geboden, maar de betrokken zorgverleners moeten in hoge mate beseffen dat ook ‘te’ voorzichtig handelen, of onvoorwaardelijk elke patiënt met een implantaat van een MRI-scan onthouden, geen oplossing is. Een te grote terughoudendheid om een patiënt te scannen, kan ertoe leiden dat noodzakelijke scans niet worden uitgevoerd.”
“Uniforme praktijkrichtlijnen en verplichte incidentrapportering”
“Scanincidenten gebeuren volgens De Bondt frequenter dan men zou denken. Daarom pleit hij, naast uniforme praktijkrichtlijnen, ook voor een incidentrapporteringsverplichting op Japanse leest: ‘Momenteel is er geen incidentrapporteringsverplichting met als kwalijk gevolg dat de data ontbreken voor een diligente risicoanalyse. Na de invoering van een rapportageverplichting in Japan ging het gekende aantal incidenten met een factor 40 omhoog.’”
“Hoewel dat een grote sprong voorwaarts zou betekenen, zijn een verplichte incidentrapportering en uniforme praktijkrichtlijnen op zichzelf niet zaligmakend. De zorgverlener die beslist om al dan niet te scannen, zal steeds rekening moeten houden met de specifieke omstandigheden eigen aan iedere casus en patiënt. Een voorafgaande diligente risicoafweging is cruciaal.”
“In eerste instantie is de condities van het MR-label volgen belangrijk. Wil men buiten de condities gaan, dan is grondige expertise in MRI-veiligheid en raadpleging van een expert MR fysicus cruciaal.”
“Er bestaat geen wettelijk verbod op het scannen van een patiënt buiten de voorwaarden van een MR-label, maar men moet er zich wel terdege van bewust zijn dat wanneer men afwijkt van het label van het medisch hulpmiddel, het medisch hulpmiddel niet getest is voor dergelijk gebruik met een MRI-scan. De producent van het implantaat kan dan ook niet meer aangesproken worden wanneer er zich bijvoorbeeld een schadegeval voordoet bij een MRI-scan van een patiënt met een MR Conditional implantaat.”
(1) Het Centraal Traceerbaarheidsregister: een sinds 2020 verplichte lijst die de plaatsing en verwijdering van bepaalde implantaten (zoals onder meer stents, neurostimulatoren, oogheelkundige implantaten,…) centraliseert om de traceerbaarheid ervan te verhogen.
Mr. Tim Hermans, advocaat en verbonden aan de Vrije Universiteit Brusse
Mr. Philip Vanstapel, advocaat bij Dewallens & Partners en verbonden aan de KU Leuven








