Concrete oplossingen voor geweld tegen artsen (Orde)

Op het webinar agressie van 20 oktober promootte de Orde nationale raad een speciaal zeer toegankelijk meldpunt, aan te klikken op haar site. Interessante praktische preventie-oplossingen werden voorgesteld door dr. Frédéric Tys (Charleroi), Geert Berden (Sint-Trudo) en Franstalig ondervoorzitter Christian Mélot.

Nederlandstalig ondervoorzitter Michel Deneyer stond stil bij het huidige meldpunt van de Orde – dat al bestaat sinds juni 2016 -  maar waar duidelijk ondergerapporteerd wordt, al stijgt het aantal meldingen dit jaar explosief: nu al 152 meldingen om over het hele jaar wellicht op meer dan 200 uit te komen. En dat is nog maar het topje van de ijsberg.

De onderrapportering blijkt uit een vergelijking met gegevens van een eerdere masterproef aan de VUB. Gelukkig - hoewel totaal onaanvaardbaar-  is daarvan 60% ‘maar’ verbaal geweld, een op de vijf meldingen gaat over psychologische agressie, 15% over stalking en reputatieschade. En seksueel geweld omvat een kleine minderheid (3%).

Opmerkelijk is dat in ruim de helft van de gevallen (54%) de dader een patiënt is die bekend is bij de arts. Iemand die dus van de wieg tot het graf gevolgd wordt. 19% heeft een psychiatrisch, 4% een crimineel verleden. De meesten hebben evenwel een blanco verleden qua agressie. Een van de hoofdredenen van de agressie is dat de patiënt niet tevreden is over de tussenkomst van de arts. In een op de tien gevallen gaat het om een remedieerbaar attitudeprobleem. Aan de top staan weigeringen van ‘welwillendheidsattesten’ en te hoge honoraria. Gevolg: het werk van de arts lijdt er onder, ten koste van andere patiënten.

Uit de masterproef van de VUB uit 2019, gepubliceerd in the British Medical Journal (3.726 respondenten) blijkt dat artsen in 84,4% van de gevallen agressie ondervonden in hun hele carrière en tijdens het laatste jaar 36,8%. Geëxtrapoleerd voor verbaal geweld zou de Orde dan 13.000 meldingen moeten krijgen, terwijl er in het jaar van de masterproef slechts 64 binnenliepen (!). De masterproef zegt dan ook dat artsen in 80% van de voorvallen verbaal geweld niet melden. Het betekent wel dat het meldpunt veel beter bekend moet worden.

De ondervoorzitter besluit:

1 – We moeten het recht op zorg bewaken, maar ook de fysieke en psychische activiteit van de arts bewaken.

2 – De aanleiding tot de agressie is doorgaans banaal. Het effect van oplossingen is niet duidelijk bestudeerd.

3 – Risicoplaatsen zijn de huisartsomgeving en de psychiatrische/spoeddiensten in ziekenhuizen.

4 – Risicoartsen zijn vrouwen, het risico neemt af met de leeftijd en de jaren dienst. Er zijn ook artsgebonden triggers en het niet respecteren van tijd en ereloon.

Een patiënt ‘oormerken’ via een red flag of een zwarte lijst heeft weinig zin en mag wettelijk niet, heette het nog.  Key message is dat het meldpunt beter worden uitgebouwd, gevoed door elke beroepsgroep apart, want meten is weten.

Onzekerheid bij patiënt wegwerken

Dr. Frédéric Tys (Grand Hôpital de Charleroi) duidde het grotere risico van geweld op Spoed met het argument dat de patiënt er met diverse lagen van onzekerheid wordt geconfronteerd. Als mogelijke verbeteringspunten stipte hij aan:

1 – de servicecultuur versterken en vooral de wachttijden verminderen met monitoring en screening; eventueel een bemiddelaar in de wachtzaal inschakelen of duidelijk zichtbare veiligheidsagenten posteren;

2 – het onthaalpersoneel beter opleiden

3 – de ziekenhuisverblijfcondities en de omgeving verbeteren. Onder meer architecturale ingrepen kunnen daarbij een steun zijn.

Omerta?

Als bestuurslid van de Vlaamse Vereniging Verpleegkundigen Spoedgevallenzorg ging Geert Berden (Sint-Trudo) in op een zorg- en sectoroverstijgende aanpak tegen agressie. Zelf drong hij bijvoorbeeld aan op samenwerking met het grootste psychiatrisch ziekenhuis van België en Sint-Trudo, dat bij wijze van spreken in de achtertuin van zijn eigen ziekenhuis ligt.

“Melden is niet genoeg en is cultuurgebonden. De realiteit is vaak heel anders dan de cijfers. We moeten de agressie ook opvolgen. Mij is het geval bekend van een collega die de agressie wou melden, maar de werkgever was het daarmee niet eens en beëindigde het samenwerkingscontract. Als publieke veiligheidsagenten beweren dat er bij heel veel directies een soort omerta heerst in verband met het melden van agressiegevallen omdat het negatieve publiciteit is, is dat begrijpelijk, maar we moeten toch zien hoe we dat respectvol kunnen aanpakken. Liefst niet door iedereen op zijn eilandje en best wetenschappelijk onderbouwd. Het opleidingsaanbod in dat verband is vaak een zootje.”

De agressieproblematiek van de zorgvrager vergt ook een aparte benadering. Hij bekritiseerde verder de niet-gestandaardiseerde inzet van bewakingsagenten in onze ziekenhuizen.

Beleefdheidscultuur ontwikkelen

Met concrete voorbeelden, initiatieven en tips stond ook de Franstalige ondervoorzitter van de Orde, Christian Mélot, stil bij het probleem. Zelf meldde hij een anekdote over hoe een verpleegkundige hem verwittigde dat een patiënt met een mes dreigde. Hij ging erop af om de patiënt op kalme toon te vragen het mes af te geven, weliswaar er goed op lettend dat er een vrije vluchtweg was naar de dichtstbijzijnde deur. Niet altijd is alles voorspelbaar in een psychiatrische dienst, maar vaak zijn er middelen voorhanden om een en ander te ontmijnen.

Het zou een reflex moeten worden om zich te excuseren bij de patiënt als die lange wachttijden moet ondergaan, bijvoorbeeld op de Spoed. Met daarbij meteen de boodschap van de arts: “Maar vanaf nu heb ik voldoende tijd voor u om mij alleen op uw probleem te concentreren.”

Nog enkele (deel)stappen: vorming in stressmanagement, onthaal- en communicatieopleiding. Ten opzichte van de patiënt en de familie zich nog beter bekwamen in informeren, geruststellen en begeleiden, en ervoor ijveren om zoveel mogelijk te handelen met toestemming en steun van de patiënt. Dat in het licht van de patient empowerment. 

Een (nog betere) servicecultuur ontwikkelen. Het moet bij het personeel ingebakken zijn om een zorgzame houding aan te nemen, een beleefdheidscultuur te ontplooien. 

Dat neemt niet weg dat externe factoren dit alles kunnen bemoeilijken: een artsen- en personeelstekort, de huidige werkdruk, administratieve overbelasting.

Te vermelden zijn nog enkele Europese initiatieven: 12 maart, de European Awareness Day die sensibiliseert voor geweld tegen artsen en andere zorgverleners. De Europese raad van artsenordes ontwikkelt een gestandaardiseerde vragenlijst over geweld tegen dokters. Op 19 maart van dit jaar lanceerde de Spaanse Orde nog de specifieke functie van agressiebemiddelaar in de zorg.

> Over het waarom van de nieuwe wet patiëntenrechten, en fixatieperikelen

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Marc DE MEULEMEESTER

    23 oktober 2023

    Misschien zit er muziek in het parkeren van lege combi’s bij huisartsenpraktijken en hospitalen , die ten allen tijde kunnen gebruikt worden om luchtgitaar op te leren spelen ?