Na 6de staatshervorming verminderde alternatieve financiering SZ aanzienlijk

Het vademecum 2019 van de FOD Sociale Zekerheid bulkt van statistische gegevens over de sociale bescherming in België. Een greep daaruit, met aandacht voor de financiering van de SZ, het profiel van leefloners en de sociale kosten van rechthebbenden (al dan niet met een verhoogde tegemoetkoming).

Onlangs publiceerde de FOD Sociale Zekerheid het Vade Mecum 2019.  De gegevens bekijken de evolutie op de langere termijn. Deze editie bevat de jaren 2013 tot en met 2017. Deze editie verdient op drie punten aandacht. Eerst en vooral is er de impact van de de staatshervorming. 

Ten tweede bevat dit vademecum voor het eerst sinds 2015 opnieuw geaggregeerde  economische rekeningen voor de stelsels van de werknemers, de zelfstandigen en de geneeskundige verzorging en dit voor de periode van 2013 tot en met 2017.  

Ten derde bevat deze editie betere cijfers over de dienstverlening van de OCMW’s (deel sociale bijstand) dankzij een nauwere samenwerking met de POD Maatschappelijke Integratie. De informatie over de andere onderdelen van de sociale bijstand, namelijk deze over de  tegemoetkomingen aan personen met een handicap en de inkomensgarantie voor ouderen, bleef ongewijzigd. 

De nieuwsbrief van de FOD SZ licht er enkele voorbeelden uit.

Minder alternatieve financiering

Zo blijkt dat na de 6de staatshervorming het aandeel van de sociale bijdragen in de opbrengsten is gestegen van 64% in 2013 tot 70% in 2017. Daartegenover staat een dalend aandeel van de taksen en belastingen aangewend voor de sociale zekerheid, in het bijzonder van de  alternatieve financiering: van 34% in 2013 tot 28,5% in 2017. Het aandeel van de andere  opbrengsten (beleggingsopbrengsten, terugvorderingen, ...) daalde met 1 procentpunt (van 2,2% in 2013 tot 1,2% in 2017). 

Wat de sociale bijstand betreft: de alleenstaanden maken de grootste groep uit (met 54.525 rechthebbenden, of zo’n 39% van het totale aantal). Opvallend: terwijl de groep alleenstaanden voor net geen 2/3de uit mannen bestaat, is het overgrote merendeel samenwonenden met personen ten laste een vrouw. Voor samenwonenden met één of meerdere personen zijn de verschillen minder uitgesproken. 

Verhoogde tegemoetkoming

Het vademecum 2019 bevat ook een uitgebreid hoofdstuk over de geneeskundige verzorging. Zo is er informatie beschikbaar over de gemiddelde jaarlijkse kost per rechthebbende (in 2016). Hoe ouder een rechthebbende, hoe hoger de gemiddelde kost voor geneeskundige verzorging voor deze rechthebbende. Op zich  niet onlogisch. Een uitzondering hierop zijn wel de allerjongsten. Opmerkelijk: de gemiddelde jaarlijkse kost voor personen met een recht op verhoogde tegemoetkoming ligt meer dan dubbel zo hoog als voor rechthebbenden zonder, en dat de gemiddelde kost voor vrouwen doorgaans iets hoger ligt dan voor mannen. 

 

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.