Afgezette ziekenhuisarts eist in kort geding re-integratie

In kort geding eist een afgezette ziekenhuisarts zijn re-integratie. Daarbij rijzen een resem vragen in het gezondheidsrecht. In dit specifieke geval lijkt het volgens professor Evelien Delbeke terecht dat de kortgedingrechter geen voorlopige re-integratie heeft aanbevolen wegens enkele ernstige feiten. Maar dat een kortgedingrechter nooit tot een dergelijke beslissing kan komen, is volgens haar een brug te ver.

Aanleiding is de volgende casus die beschreven wordt in het Tijdschrift voor Gezondheidsrecht (1). Het gaat om de afzetting van een ziekenhuisarts om dringende redenen waarvoor de procedure op gang wordt getrokken op 28 november 2019. Aanleiding waren klachten van diverse verpleegkundigen over grensoverschrijdend gedrag, met 12 getuigenissen.  Bovendien zou de arts in kwestie een medisch dossier hebben ingekeken zonder dat er een therapeutische relatie bestond met een patiënte. Nadat het ziekenhuis deze klacht gecheckt had via login-gegevens van het patiëntendossier, bleek inderdaad dat onder de naam van deze ziekenhuisarts was ingelogd.

Enorme (reputaitie)schade

Het komt tot een rechtszaak waarbij de arts in kwestie de afzetting als onrechtmatig en onregelmatig bestempelt. Hij zou hierdoor een enorme materiële en morele schade lijden. Bovendien wordt hem door het ziekenhuis de toegang ontzegd tot materiaal en toestellen en zelfs eigen prothesen die hij nodig heeft om te plaatsen. De toegang tot zijn e-mail is afgesloten. Er worden hem tevens kopieën geweigerd van patiëntendossiers.

Er volgt  nog een 'informatievergadering' tussen beide partijen, maar tot een re-integratie komt het niet, wel integendeel. Een ontwerp dagvaarding kortgeding wordt het ziekenhuis bezorgd. Het bestuur van zijn kant start een tuchtrechtelijke procedure op en legt een klacht met burgerlijke partijstelling neer.

Kort geding?

Eerste vraag: gaat het hier om een urgent geval zodat een kort geding mogelijk is? Het kort geding blijkt zowel urgent als gegrond. Wat de inhoud betreft van de eis: de arts eist een zogenaamd 'herstel in natura'. Maar 'een gedwongen uitvoering in natura van een arbeidsovereenkomst is in principe uitgesloten, luidt het. Een kwestie die betwistbaar is, maar in dit geval oordeelt de kortgedingrechter dat volgens dat principe de vordering ongegrond is.

Evelien Delbeke, gastprofessor Universiteit Antwerpen en zelfstandig juridisch consultant, heeft daar pertinente vragen bij. Ook zij stelt vast dat hierover uiteenlopende visies bestaan. De vergelijking met de werknemer (arbeidsrecht) gaat hier niet zomaar op. De arts is immers een zelfstandige, die patiënteel opbouwt in het ziekenhuis, vaak op basis van naam en faam.

Dubbel

Een plotse afzetting kan enorme schade veroorzaken. Dat scenario is des te dramatischer als de dringende reden volgens de rechter geen onmiddellijke afzetting kan verantwoorden. Anderzijds zijn er evengoed situaties denkbaar waarin afzetting om dringende redenen volkomen correct is en absoluut noodzakelijk voor bijvoorbeeld de patiëntveiligheid en de reputatie van het ziekenhuis.

Volgens prof. Delbeke is het niet correct om te stellen dat een kortgedingrechter per definitie geen voorlopige re-integratie kan bevelen, want dat houdt in dat de ziekenhuisarts niets anders kan doen in dat geval dan de uitspraak ten gronde afwachten en intussen verder schade lijdt die niet volledig gerecupereerd kan  worden. Het moet dus mogelijk zijn dat een ziekenhuisarts die is afgezet om dringende redenen via kort geding onmiddellijke re-integratie kan vorderen, weliswaar alleen als hij een zeer sterk dossier kan aanvoeren.

Wat deze specifieke zaak betreft, meent prof. Delbeke wel dat de kortgedingrechter "finaliter (zij het om andere motieven) geen voorlopige re-integratie heeft aanbevolen. De onrechtmatige inzage in een patiëntendossier van een collega-verpleegkundige is een ernstig feit." Het verweer van de arts is hier niet overtuigend. Daarnaast is er nog het feitenrelaas met 12 getuigenissen van personeelsleden over grensoverschrijdend gedrag. van deze arts.

(1) TvG 22/23 (3), 216-226.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.