Ziekenfondsen eisen prijsraming supplementen

Een speciaal medicomutoverleg waarop ook de ziekenhuizen waren uitgenodigd door voorzitter Jo De Cock, spitste zich toe op de ereloonsupplementen en transparantie. De ziekenfondsen eisen een precieze prijsraming vooraf, inclusief supplementen.

Er zou nu een basistekst circuleren in verband met de gevraagde transparantie. Die beschrijft indedaad de invoering van meer transparantie, maar een echt compromis is er zeker nog niet. “De ziekenhuizen bekritiseerden fors een eerste tekstvoorstel van Jo De Cock. Niet omdat ze zaken te verbergen hebben, maar wegens de enorme administratieve rompslomp en de ingreep in de programmatie”, licht Jacques de Toeuf (Bvas) toe. “Ze vragen extra subsidie voor dat extra werk.”

Ziekenhuizen

De Toeuf begrijpt de opstelling van de ziekenhuizen niet zo goed “omdat ze eigenlijk vier jaar geleden in het ziekenhuisakkoord al verplicht waren om op de factuur alle gefactureerde supplementen te vermelden. Het ging dan om de zogenaamde ‘verblijfskosten’: waterverbruik, TV, wifi… Zoiets kon makkelijk overgezet worden op het opnamedocument, weliswaar met dien verstande dat het nog steeds om een raming ging. De discussie gaat er ook over of er een prijsvork, dan wel een precieze prijs vermeld moet worden. Dat laatste is niet altijd mogelijk voor de ziekenhuizen.”

Artsen

Hoe ziet Jo De Cock de toepassing van het transparantieprincipe bij artsen? Ze moeten volgens zijn voorstel vooraf het maximumbedrag vermelden aan de patiënt van wat hem gefactureerd zal worden. “Tot daar konden we enigszins volgen”, aldus de Toeuf. “Maar vervolgens wordt gevraagd om in de prijsvork de mediaan op te nemen van de gevraagde supplementen. Dat kan problemen opleveren omdat die supplementen zo uiteenlopen. Sommige artsen vragen 50% supplement, andere artsen 300%. Ook in hetzelfde ziekenhuis. Als een meerderheid 50% aanrekent, ligt de mediaan wellicht ergens op 100%. Vraagt een groot aantal artsen  300%, dan ligt die hoger. Terwijl het de bedoeling is om een plafond van 100% te halen. Gevolg: wie 300% vraagt, zal dat niet meer zal kunnen.”

Per discipline

Wat dan het tegenvoorstel van de Bvas is? “Wij vinden het voldoende dat wie een aanzienlijk supplement vraagt, dat vooraf aan de patiënt signaleert. Maar een te sterk individueel bepaalde prijs is dan weer niet naar ieders zin. Daarom evolueert de discussie nu naar een een kostenraming per discipline: eentje voor de chirurgie, een voor cardio, enzovoorts. Dat gaat de goede richting uit, maar we zijn er nog niet.”

Jo De Cock zal nu de brief met een stand van zaken finetunen en die aan minister De Block overhandigen. Er rest de onderhandelaars nog wel wat tijd (totdat dit artsen-ziekenfondsakkoord ten einde loopt in 2019) vooraleer het punt afgewerkt moet worden. Toch is dit zeker nog een harde noot om te kraken. “De ziekenfondsen willen namelijk dat elke arts de patiënt nog voor de interventie een formulier geeft met een precieze prijs. Terwijl er altijd nog onverwachte dingen kunnen bijkomen. Dat is dus een onmogelijke eis”, besluit de Bvas-ondervoorzitter.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Indien (als patiënt) geïnteresseerd bent in gevalideerde medische informatie, kan u terecht op onze gezondheidswebsite www.vivagezond.be.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Pierre DE GROOTE

    11 Juli 2018

    In de praktijk is het zo dat de grote meerderheid van de patiënten die een éénspersoonkamer vraagt een hospitalisatieverzekering heeft en dat de verzekeringsmaatschappijen (zoals DKV, Van Breda enz..) conventies hebben met ziekenhuizen. Hierin staan per discipline de ereloonsupplementen die de artsen vragen en die betaald worden voor deze verzekeringen.
    Probleem is dat de mutualiteiten nu ook hospitalisatieverzekeringen aanbieden aan hun leden. Dit is mijns insziens niet hun taak.
    Waarom moet een mutualiteit zich moeien met het ereloonsupplement dat aan de patiënt geen cent zal kosten en door een verzekeringsinstelling betaald wordt ?
    Dr. An Oniem